Vragen betref­fende vuurwerk in de natuur tijdens het broed­seizoen


Indiendatum: sep. 2014

Geacht college,

Op 31 mei jl. vond een dance event plaats in het Stadspark in Groningen. Om middernacht is bij dit evenement vuurwerk afgestoken, volgens berichten van omwonenden gedurende vijf minuten. Het vuurwerk schijnt veel luider geweest te zijn dan het dance event zelf.

Uit navraag bleek dat provincie toestemming had gegeven voor het afsteken van het vuurwerk, ondanks het feit dat het op dat moment nog broedseizoen was en het evenement middenin de stadse natuur gehouden werd.

Rond elke jaarwisseling hebben vele mensen en dieren last van de aanhoudende vuurexplosies. Bij vuurwerk dat tijdens evenementen wordt afgestoken is een bijkomende factor dat men zich niet kan voorbereiden. Buurtbewoners worden niet door organisatoren, of provincie ingelicht. Diereneigenaren kunnen hierdoor hun dier niet beschermen en mensen met vuurwerkangst (bijvoorbeeld oorlogsslachtoffers) kunnen niet voortijdig vluchten.

De Statenfractie van de Partij voor de Dieren heeft over bovenstaande kwestie de volgende vragen:

  1. Hoe beoordeelt u het afsteken van vuurwerk in (stedelijke) natuur tijdens het broedseizoen?
  2. Kunt u aangeven of het afsteken van vuurwerk in de nabijheid van broedende vogels, nesten of rustplaatsen van andere dieren en überhaupt de aanwezigheid van beschermde inheemse diersoorten, in strijd is met de Flora- en Faunawet (artikel 10 en 11[1]) ? Zo ja, wat voor conclusie verbindt u daaraan? Zo nee, waarom niet?
  3. Kunt u toelichten wie er verantwoordelijk is wanneer de Flora- en Faunawet wordt overtreden door het afsteken van vuurwerk nabij broedende vogels of beschermde diersoorten?
  4. Kunt u aangeven of voorafgaande aan evenementen waarbij vuurwerk afgestoken wordt, omwonenden worden ingelicht door de organisatie of de provincie? Indien dit niet gebeurt, bent u bereid dit verplicht te stellen?
  5. Bent u bereid om in de toekomst de nabijheid van (ecologisch waardevolle) natuur en of het een kwetsbare periode voor de lokale fauna betreft (zoals broedseizoen), voortaan mee te nemen in de beoordeling van een aanvraag voor het afsteken van vuurwerk tijdens een evenement? Zo ja, op welke manier en welke termijn zult u dit bewerkstelligen? Zo nee, waarom niet?

De maatschappelijke weerstand tegen vuurwerk groeit: niet alleen tweederde van de bevolking wil een verbod op particulier vuurwerk[2], ook oogartsen[3] en burgemeesters[4] hebben aangegeven een vuurwerkverbod te willen. Redenen hiervoor zijn de grote mate van schade, letsel en overlast door vuurwerk.

  1. Wat is, gezien de geschetste situatie, uw visie op particulier vuurwerk? Bent u met de Partij voor de Dieren van mening dat vuurwerk uitsluitend tijdens de jaarwisseling, door gemeenten zelf georganiseerd en op een centrale plek afgestoken zou moeten worden?

Met vriendelijke groet,


Kirsten de Wrede
Partij voor de Dieren

[1] Artikel 10
Het is verboden dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, opzettelijk te verontrusten.

Artikel 11
Het is verboden nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, te beschadigen, te vernielen, uit te halen, weg te nemen of te verstoren.

[2] http://nos.nl/artikel/591550-meerderheid-voor-vuurwerkverbod.html

[3] http://www.metronieuws.nl/nieuws/oogarts-pleit-opnieuw-voor-vuurwerkverbod/SrZmab!nFT1JPBk20zQ/

[4] http://www.ad.nl/ad/nl/1012/Nederland/article/detail/3568930/2013/12/28/Burgemeesters-grijpen-in-tegen-vuurwerkoverlast.dhtml

Indiendatum: sep. 2014
Antwoorddatum: 16 nov. 2014

Geachte mevrouw De Wrede,

Bij brief van 16 september 2014 heeft u namens de Partij voor de Dieren een aantal vragen gesteld die betrekking hebben op het ontbranden van vuurwerk. Aanleiding hievoor is het afsteken van vuurwerk ter afsluiting van een dance-event in het Stadspark te Groningen op 31 mei jongstleden. Hierna worden de gestelde vragen beantwoord.

1 Hoe beoordeelt u het afsteken van vuurwerk in (stedelijke) natuur tijdens het broedseizoen?
Antwoord:
Voorafgaand aan het bedrijfsmatig tot ontbranding brengen van vuurwerk vindt geen explicite toets plaats op de Flora- en Faunawe t. Gelet op de huidige (bij ons bekende) ervaringen en inzichten sorteren de gevolgen van een eenmalig vuurwerkevenement, gezien de korte duur, geen aantoonbaar onaanvaardbaar verstorend effect (een significante negatieve beïnvloeding van de instandhoudingdoelstelling) op soorten.


2. Kunt u aangeven of het afsteken van vuurwerk in de nabijheid van broedende vogels, nesten of rustplaatsen van andere dieren en überhaupt de aanwezigheid van beschermde inheemse diersoorten, in strijd is met de Flora- en Faunawet (artikel 10 en 11)? Zo ja, wat voor conclusie verbindt u daaraan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
De gevolgen van het afsteken van vuurwerk in de nabijheid van broedende vogels kunnen afhankelijk van de aanwezige soorten, de afstand tot die soorten en de locatie specifieke omstandigheden sterk verschillend zijn. Eenmalige verstoringsbronnen veroorzaken vaak geen significant negatief effect. Indien activiteiten geen significant negatief effect hebben zijn deze niet in strijd met de Flora- en Faunawet.

3. Kunt u toelichten wie er verantwoordeiijk is wanneer de Flora- en Faunawet wordt overtreden door het afsteken van vuurwerk nabij broedende vogels of beschermde diersoorten?
Antwoord:
De verantwoordelijkheid voor de overtreding ligt primair bij de overtreder (certificaathouder, vuurwerkbedrijf (beziger)) zelf. De verantwoordelijkheid voor de bestuursrechtelijke handhaving van art. 10 en 11 van de Flora- en faunawet ligt primair bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

4. Kunt u aangeven of voorafgaande aan evenementen waarbij vu unwerk afgestoken wordt, omwonenden worden ingelicht door de organisatie of de provincie? indien dit niet gebeurt, bent u bereid dit verplicht te stellen?
Antwoord:
Wij onderscheiden meldingsplichtige en vergunningsplichtige vuurwerkevenementen en -voorstellingen. Een melding dient minimaal 2 weken en een aanvraag voor een vergunning (ontbrandingstoestemming) dient minimaal 14 weken voor aanvang van de ontbranding bij de provincie te worden ingediend. Van het verlenen van een ontbrandingstoestemming wordt altijd kennis gegeven in het Dagblad van het Noorden en op de website van de Provincie Groningen. Van de ingekomen meldingen wordt geen kennis gegeven omdat meldingen niet voor bezwaar en beroep vatbaar zijn. Het vuurwerk wat op 31 mei jongsleden ter afsluiting van het dance-event in het Stadspark (op de drafbaan) te Groningen tot ontbranding werd gebracht betrof een meldingsplichtig vuurwerkevenement.


5. Bent u bereid om In de toekomst de nabijheid van (ecologisch waardevolle) natuur en of het een kwetsbare periode voor de lokale fauna betrek (zoals broedseizoen), voortaan mee te nemen in de beoordeling van een aanvraag voor het afsteken van vuurwerk tijdens een evenement? Zo ja, op welke manieren welke termijn zult u dit bewerkstelligen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
Zoals blijkt uit het antwoord op vraag 3 ligt de primaire bevoegdheid voor art. 10 en 11 van de Flora- en Faunawet bij het Rijk. Althans vooralsnog. Met de komst van de nieuwe Natuurbeschermingswet zal deze bevoegdheid bij de provincies worden gelegd. Op dat moment zijn wij bevoegd gezag en zullen wij hieraan toetsen. Thans vindt landelijk een verkenning plaats of nader beleid op dit punt noodzakelijk is. Naast de provincies is hierbij ook de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland betrokken.

De maatschappelijke weerstand tegen vuurwerk groeit; niet alleen tweederde van de bevolking wil een verbod op particulier vuu nwerk, ook oogartsen en burgemeesters hebben aangegeven een vuurwerkverbod te willen. Redenen hiervoor zijn de kans op van schade, letsel en overlast door vuurwerk.
6. Wat is, gezien de geschetste situatie, uw visie op particulier vuurwerk? Bent u met de Partij voor de Dieren van mening dat vuurwerk uitsluitend tijdens de jaarwisseling, door gemeenten zelfgeorganiseerd en op een centrale plek afgestoken zou moeten worden?

Antwoord:
Schade, letsel en overlast worden in hoofdzaak veroorzaakt door het afsteken van illegaal vuurwerk, vuurwerk dat niet bestemd is voor particulier gebruik. De Regeling Aanwijzing Consumenten- en Theatervuurwerk biedt voldoende waarborgen voor de veiligheid van vuurwerkartikelen die bestemd zijn voor particulier gebruik.
Uw mening dat vuurwerk uitsluitend tijdens de jaarwisseling, door gemeenten zelfgeorganiseerd en op een centrale plek afgestoken zou moeten worden, impliceert een algeheel verbod op het voorhanden hebben van (consumenten)vuurwerk door particulieren. Daarvoor zal het Vuurwerkbesluit aangepast moeten worden. Tot aanpassing van deze regelgeving is het ministerie van Infrastructuur en Milieu bevoegd.


Wij vertrouwen er op u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer