Vragen betref­fende vervuiling RWE/Essent Duitse natuur


Indiendatum: okt. 2013

Geacht college,

Vorige week werd een rapport van het bureau Ökopol naar buiten gebracht, waaruit bleek dat de kolencentrale van RWE/Essent, anders dan door de provincie Groningen altijd aangenomen werd, schade aanricht aan Duitse Natura2000 gebieden .

Over deze constatering heeft de Partij voor de Dieren de volgende vragen:

1. Bent u op de hoogte van het bovengenoemde rapport van Ökopol?

Ökopol concludeert dat de raming van Arcadis en de voortoetsen door IBL/KKR, aangaande de omliggende natuurgebieden, uit vakkundig oogpunt wezenlijke gebreken vertonen.

2. Is het correct dat de provincie Groningen er op basis van deze gebrekkige informatie altijd vanuit gegaan is dat de effecten van de kolencentrale van RWE/Essent op de Duitse natuurgebieden verwaarloosbaar waren en er dientengevolge nooit verder onderzoek naar de milieueffecten aldaar is gedaan vanuit de provincie? Zo ja, wat zegt dit over de kwaliteit van het onderzoek van de provincie? Zo nee, wat is dan de werkelijke verloop van zaken geweest?

3. Ziet u in het onderzoek van Ökopol aanleiding om alsnog de effecten van de kolencentrale op Duitse natuurgebieden te onderzoeken? Zo ja, op welke termijn kunnen wij dit onderzoek verwachten? Zo nee, waarom niet?

4. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat het niet correct is dat bedrijven uit onze provincie voor vervuiling van beschermde gebieden in ons buurland zorgen? Zo nee, waarom niet?

Volgend voorjaar buigt de Raad van State zich over de natuurvergunning die voor de kolencentrale is afgegeven.

5. Bent u van mening dat de resultaten die uit het bovengenoemde onderzoek komen reden zijn om de vergunningen van de kolencentrale te herzien? Zo nee, waarom niet?

6. Bent u voornemens andere maatregelen te treffen naar aanleiding van de onderzoeksresultaten? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?


Met vriendelijke groet,


Anja Hazekamp

Partij voor de Dieren

Indiendatum: okt. 2013
Antwoorddatum: 5 nov. 2013

Geachte mevrouw Hazekamp,

Bij uw brief van 30 september 2013 heeft u ons een aantal vragen gesteld aangaande een rapport van het bureau Okopol, waaruit zou blijken dat de kolencentrale van RWE/Essent, anders dan door de provincie Groningen altijd aangenomen werd, schade aanricht aan Duitse Natura2000 gebieden.

Hierbij de beantwoording van uw vragen.
1. Bent u op de hoogte van het bovengenoemde rapport van Okopol?

Antwoord:
Ja, wij tiebben het rapport ontvangen als onderdeel van het beroepschrift van Greenpeace tegen de door ons verleende Natuurbeschermingswetvergunning aan RWE. Net als andere partijen onderbouwen zij hun bezwaar met ondersteunende informatie.

Okopol concludeert dat de raming van Arcadis en de voortoetsen door IBL7KKR, aangaande de omliggende natuurgebieden, uit vakkundig oogpunt wezenlijke gebreken vertonen.

2. Is het correct dat de provincie Groningen er op basis van deze gebrekkige informatie altijd vanuit gegaan is dat de effecten van de kolencentrale van RWE/Essent op de Duitse natuurgebieden verwaadoosbaar waren en er dientengevolge nooit verder onderzoek naar de milieueffecten aldaar is gedaan vanuit de provincie? Zo ja, wat zegt dit over de kwaliteit van het onderzoek van de provincie? Zo nee, wat is dan de werkelijke verloop van zaken geweest?

Antwoord:
Omdat wij de situatie in Duitsland zelf niet volledig kunnen beoordelen, hebben wij er voor gekozen om ons te laten adviseren door een gerenommeerd Duits bureau. Dit bureau IBL Umweltplanung kent de wet- en regelgeving in Duitsland en ook de gebieden waar het om gaat. Zij worden daarom geregeld ingehuurd door Duitse overheden in soortgelijke procedures als deze. Wij zien in het door Ökopol aangevoerde geen reden om te twijfelen aan de deskundigheid van het door ons 'ingeschakelde bureau en de conclusies uit het IBL-rapport. Het beeld dat in de media is ontstaan dat het om een niet gefundeerd rapport zou gaan, betreuren wij dan ook. De door Ökopol geuite mening ligt thans voor bij de Raad van State die zich daar naar verwachting volgend jaar over zal uitspreken.

3. Ziet u in het onderzoek van OÌkopol aanleiding om alsnog de effecten van de kolencentrale op Duitse natuurgebieden te onderzoeken? Zo ja, op welke termijn kunnen wij dit onderzoek verwachten? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Op de inhoud van dit Okopol-rapport zullen wij in gaan in ons verweer ten aanzien van de Duitse beroepen aan de Raad van State. Zodra dit verweer klaar is, kunt u dat terugvinden op onze website in het dossier RWE bij alle andere documenten aangaande deze procedure.

4. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat het niet correct is dat bedrijven uit onze provincie voor vervuiling van beschermde gebieden in ons buudand zorgen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Alle bedrijven zullen moeten voldoen aan de geldende wettelijke normen, ook als het gaat om mogelijke effecten op buitenlandse beschermde gebieden.

Volgend voorjaar buigt de Raad van State zich over de natuurvergunning die voor de kolencentrale is afgegeven.

5. Bent u van mening dat de resultaten die uit het bovengenoemde onderzoek komen reden zijn om de vergunningen van de kolencentrale te herzien? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, de resultaten van het bovengenoemde onderzoek zijn geen reden om de Natuurbeschermingswetvergunning van RWE te herzien. Zie ook ons antwoord op vraag 3.

6. Bent u voornemens andere maatregelen te treffen naar aanleiding van de onderzoeksresultaten? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Wij zien geen aanleiding om andere maatregelen te treffen naar aanleiding van de onderzoeksresultaten. Zie ons antwoord op vraag 3.

Wij vertrouwen er op u hiermee voldoende te hebben geinformeerd.

Hoogachtend,

Gedeputeerde Staten van Groningen:

voorzitter.

secretaris.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer