Vragen betref­fende bedreiging van de Waddenzee door bodem­daling.


Indiendatum: apr. 2016

Groningen, 15 april 2016

Betreft: Statenvragen van de Partij voor de Dieren Statenfractie Groningen aan het college van GS ex artikel 46 RvO betreffende bedreiging van de Waddenzee door bodemdaling.

Geacht College,

Op 29 april 2015 hebben de Provinciale Staten te Groningen in meerderheid de motie van de Partij voor de Dieren genaamd "Mijnbouw Waddenzee" gesteund. Aan het einde van de motie is het voornemen opgenomen: "Spreken als hun mening uit dat: Om richting de landelijke overheid met de bevolking op te trekken met als inzet om iedere vorm van mijnbouw onder het wad te verhinderen". Uit een recent gepubliceerd onderzoek van het Wereld Natuur Fonds blijkt dat 50% van het werelderfgoed bedreigd wordt, de Waddenzee vooral door infrastructuur en mijnbouwactiviteiten.[1] Naar aanleiding daarvan heeft de Partij voor de Dieren de volgende vragen:

1. Welke acties heeft uw College ondernomen in het afgelopen jaar om mijnbouw onder de Waddenzee tegen te gaan, te verminderen of in elk geval kenbaar te maken dat onze provincie tegen deze mijnbouwactiviteiten is?

2. Welke acties kan uw College eventueel ondernemen om mijnbouw onder de Waddenzee tegen te gaan, te verminderen of in elk geval kenbaar te maken dat onze provincie tegen deze mijnbouwactiviteiten is?

3. Bent u bereid om deze acties te ondernemen? Zo ja, wat kunnen wij op korte termijn van u verwachten? Zo nee, waarom niet?

4. Het WNF vermeldt: "De Waddenzee is één van de grootste plekken op aarde waar de zeebodem twee keer per dag bij laag water droogvalt. Het gebied is daardoor een unieke kraamkamer voor het leven in zee en ongekend rijk aan voedsel voor trekvogels die uit alle hoeken van de wereld neerstrijken om veel te eten voor hun lange trektocht. Gaswinning veroorzaakt bodemdaling en bedreigt de unieke waddennatuur. De zandplaten dreigen op termijn permanent onder water te komen staan.". Is uw College het met ons eens dat dit een grote bedreiging voor de Waddenzee vormt?

5. Zijn er mitigerende maatregelen mogelijk en in hoeverre bent u bereid zich daarvoor in te spannen? Kunt u dat toelichten?

Met vriendelijke groet,

Ankie Voerman

Partij voor de Dieren

[1] https://wnf.nl/nieuws-en-resultaten/bericht/helft-natuurlijk-werelderfgoed-in-gevarenzone.htm

Indiendatum: apr. 2016
Antwoorddatum: 31 mei 2016

Geachte mevrouw Voerman,

Op 15 april 2016 heeft u vragen gesteld aan ons college over mijnbouwactiviteiten onder de Waddenzee. In deze brief beantwoorden wij uw vragen. Wij herhalen eerst uw vraag, waarna wij deze beantwoorden.

1. Welke acties heeft uw College ondernomen in het afgelopen jaar om mijnbouw onder de Waddenzee tegen te gaan, te verminderen of in elk geval kenbaar te maken dat onze provincie tegen deze mijnbouwactiviteiten is?

Aangezien wij niet het bevoegd gezag zijn voor de vergunningverlening voor mijnbouw onder de Waddenzee, kunnen wij geen acties ondernemen om deze mijnbouw tegen te gaan ofte verminderen. Het Ministerie van Economische Zaken (hierna: EZ) is namelijk het bevoegd gezag voor mijnbouwactiviteiten. In onze communicatie en advisering richting EZ maken wij wel duidelijk dat wij geen voorstander zijn van mijnbouwactiviteiten onder de Waddenzee. Dit hebben wij het afgelopen jaar gedaan en dit zullen wij blijven doen.

2. Welke acties kan uw College eventueel ondernemen om mijnbouw tegen te gaan, te verminderen of in elk geval kenbaar te maken dat onze provincie tegen deze mijnbouwactiviteiten is?

EZ is het bevoegd gezag voor mijnbouwactiviteiten. Wij gaan daarom niet over de vergunningverlening en wij kunnen op die manier dus geen mijnbouwactiviteiten tegengaan of verminderen. Wij kunnen tijdens de aanvraagprocedure duidelijk maken dat wij tegen deze mijnbouwactiviteiten zijn door adviezen te geven tijdens de aanvraag en zienswijzen en beroepen in te dienen op de ontwerpbesluiten en de definitieve besluiten.

3. Bent u bereid om deze acties te ondernemen? Zo ja, wat kunnen wij op korte termijn van u verwachten? Zo nee, waarom niet?

Ja, wij zullen deze acties ondernemen. Op de korte termijn kunt u van ons verwachten dat wij bij nieuwe winningsplannen ons standpunt duidelijk maken in onze advisering richting EZ. Dit zullen wij ook doen in onze zienswijze op de ontwerpbesluiten. Wij zullen ook ons standpunt duidelijk maken in de beroepen die wij indienen op de definitieve besluiten.

4. Het WNF vermeldt: "De Waddenzee is één van de grootste plekken op aarde waar de zeebodem twee keer per dag bij laag water droogvalt. Het gebied is daardoor een unieke kraamkamer voor het leven in zee en ongekend rijk aan voedsel voor trekvogels die uit alle hoeken van de wereld neerstrijken om veel te eten voor hun lange trektocht. Gaswinning veroorzaakt bodemdaling en bedreigt de unieke waddennatuur. De zandplaten dreigen op termijn onder water te komen staan.". Is uw College het met ons eens dat dit een grote bedreiging voor de Waddenzee vormt?

Ja, er is een bedreiging. De minister heeft het hand-aan-de-kraanprincipe geïntroduceerd voor gaswinning onder de Waddenzee. Dit principe houdt in dat gevolgen van de gaswinning onder de Waddenzee constant wordt gemonitord, zodat de minister het boren naar gas kan bijstellen of verminderen. Men gaat ervan uit dat het Waddensysteem zelf maximaal 5 ä 6 millimeter zand en slib per jaar kan aanvoeren. De bodemdaling door gaswinning en zeespiegelstijging moet binnen deze grenzen blijven. Blijkt de bodem meer gedaald dan afgesproken, dan wordt het jaar daarop de gasproductie teruggeschroefd.

5. Zijn er mitigerende maatregelen mogelijk en in hoeverre bent u bereid zich daarvoor in te spannen?

Kunt u dat toelichten?

Wij kunnen geen mitigerende maatregelen uitvoeren of laten uitvoeren omdat wij niet het bevoegd gezag zijn. Wij zullen wel bij nieuwe winningsplannen aan EZ adviseren dat zulke maatregelen uitgevoerd dienen te worden.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

Gedeputeerde Staten van Groningen

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer