Staten­vragen van de Partij voor de Dieren Groningen over de jacht op de Noord-Neder­landse Golf & Country Club (NNG&CC)


Indiendatum: mei 2017

Geacht college,

De Noord-Nederlandse Golf & Country Club (NNG&CC), is enkele jaren geleden een samenwerking aangegaan met jagers om vermeende schade van dieren aan de golfbaan te beperken. De jacht op de golfbaan leidt tot veel onrust bij omwonenden. Hoewel omwonenden meerdere malen hebben aangegeven (oa in overleggen en correspondentie met NNG&CC) overlast te ervaren van de jacht is er tot op heden niets veranderd.

Er zou een toename te zijn van het aantal dieren dat schade veroorzaakt op de golfbaan. Als reden wordt genoemd dat de NNG&CC geen chemische bestrijdingsmiddelen meer gebruikt. Hierdoor krijgen emelten en engerlingen meer terrein. Diverse andere dieren komen hierop af en met name de aanwezige dassen en kraaien kunnen aanzienlijke schade geven aan de grasmat. Om die reden wil NNG&CC de schade beperken door dieren dood te schieten.

Omwonenden en kenners hebben aangegeven bij NNG&CC dat het tegengaan en bestrijden van emelten en engerlingen ook op een biologische manier kan, zodat de chemische bestrijdingsmiddelen achterwege kunnen blijven. Er is informatie over dit onderwerp gestuurd naar NNG&CC inclusief informatie over bedrijven en toepassingen op andere sportterreinen. NNG&CC geeft aan omwonenden aan dit te duur te vinden en te lastig om toe te passen. Echter, omwonenden hebben zelf de prijzen ook opgevraagd en vinden dit meevallen. Volgens een deskundige, een verkoper van de aaltjes en een uitvoerder sportvelden, is dit ook een goede oplossing op lange termijn. Het inzetten van vleermuizen wordt tevens gezien als goed alternatief voor het doodschieten van de dieren.

De statenfractie van de Partij voor de Dieren heeft de volgende vragen:

  1. Deelt het college de overtuiging dat de jacht zinloos is, zolang er niets aan de oorzaken van mogelijke schade wordt gedaan? Immers; de dieren zullen op het voedsel blijven af komen. De plek van dood geschoten dieren zal worden ingenomen door nieuwe dieren. Graag een gemotiveerd antwoord.
  2. Is het college bereid met NNG&CC mee te denken over alternatieven voor bestrijding van de emelten en engerlingen zodat deze in minder grote mate aanwezig zullen zijn en daarmee de gevoelde noodzaak van jacht uitgesloten wordt? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze?
  3. Is het college met ons van mening dat het beter is te kiezen voor een oplossing voor de lange termijn dan een oplossing voor de korte termijn? Zo ja, wil het college deze mening ook actief uitdragen naar NNG&CC?
  4. Mocht NNG&CC niet aan een vorm van bestrijding van de emelten willen doen, zou het college dan, omwille van rust en veiligheid voor omwonenden en dieren, willen meedenken over vormen van verjagen als bijvoorbeeld het gebruik van laserlampen?

    Aangezien de golfbaan zich naast woonhuizen bevindt, is er veel directe overlast voor omwonenden. Bewoners ervaren geluidshinder en ervaren een onveilig gevoel vanwege het gebruik van dodelijk geweld in de nabijheid van kinderen, huisdieren en vee.
  5. Bent u het met ons eens dat het om die reden alleen al onwenselijk is te jagen in een omgeving waar mensen met kinderen en / of (landbouw)huisdieren wonen?
  6. Van tijd tot tijd staan er weer jachtongelukken in de krant met soms ernstig letsel voor mensen ten gevolge. Hoe groot acht u de kans dat jagers zich vergissen of mis schieten en, aangezien het afschot zich niet beperkt tot kraaien, per ongeluk huisdieren en/of andere vogels als raven, roeken en kauwen schieten? Bent u het met ons eens dat dit niet wenselijk is?

    Het jagen vindt ‘s morgens vroeg plaats of zeer laat op de dag waar door er nauwelijks controle mogelijk is op wat er geschoten wordt. Dit, omdat de golfbaan overdag gebruikt wordt door de leden.
  7. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het jagen op deze tijden eventuele handhaving ondermijnt en hinderlijk is voor omwonenden?
  8. Zo ja, wat is het college voornemens te gaan doen om dit aan te passen?
  9. Is er controle op de jacht op deze tijden vanuit NNG&CC zelf?

    Volgens NNG&CC wordt er voornamelijk op kraaien geschoten. Sinds 2016 is er een overeenkomst dat er op een aantal soorten gejaagd mag worden. Er wordt gesproken over nijlganzen en zieke hazen.
  10. Welke soorten staan nog meer in deze overeenkomst?
  11. Erkent het college dat soorten als hazen en nijlganzen geen schade aan de golfbaan berokkenen en daarmee dus niet onder het schadebeperkingsbeleid van NNG&CC zouden moeten vallen?
  12. Is het college bereid NNG&CC hierop aan te spreken? Graag een gemotiveerd antwoord.

    Ook spreekt NNG&CC over afschot waarvoor de provincie ontheffing heeft gegeven. In theorie zou dit ook het ree kunnen zijn bij verkeersoverlast.
  13. Klopt het dat de provincie deze ontheffing heeft afgegeven? Op welke grond is dit gedaan?

    Volgens de NNG&CC is er geen sprake van plezierjacht op de golfbaan maar gaat het enkel om schadebeperking. Echter zijn er vanaf 2013 meerdere kraaien-schietdagen georganiseerd, ook in het broedseizoen.
  14. Is het college met ons van mening dat het organiseren van speciale kraaien-schietdagen overkomt als een evenement en daarmee als plezierjacht?

    De golfbaan ligt tegen het nationaal park Drentsche Aa en Natura-2000 gebied aan. In deze gebieden bevinden zich veel kwetsbare diersoorten en ook op de golfbaan zelf zijn kwetsbare soorten aanwezig en soorten die op de rode lijst staan.
  15. Is het college met ons van mening dat deze soorten zo min mogelijk verstoord dienen te worden? Zo ja, bent u het met ons eens dat de jacht een grove verstoring is? Zo ja, wat gaat u hieraan doen? Zo nee, waarom niet?

    NNG&CC doet mee aan “Birdwatchingday”. Deze dag is in het leven geroepen door de Vogelbescherming in samenwerking met de Nederlandse Golf Federatie. De Vogelbescherming geeft, door de samenwerking met de NGF, voorlichting in allerlei vormen over vogels op de golfbanen en wil vooral de golfclubs stimuleren de golfbanen vogel- en natuurvriendelijk in te richten. De Vogelbescherming geeft zelf aan, in een reactie naar omwonenden, dat de jacht hier niet bij past.
  16. Is het college het met ons en de Vogelbescherming eens dat het dood schieten van verschillende vogels en het meedoen met een dergelijke dag niet verenigbaar is? En zou het college dit ook gemotiveerd aan NNG&CC willen uitdragen?

    NNG&CC geeft aan:
    “Het doel is het beperken van de kraaienpopulatie teneinde het broedsel van zang- en weidevogels in onze gebieden en aangrenzende bossen te behouden."…
    "In het gebied een wildstand te handhaven die enerzijds geen bedreiging vormt voor de spelelementen (tee, fairways, greens etc.) en de groene omgeving op het landgoed en anderzijds het wild een optimaal leven verschaft.”
  17. Is het college het met ons eens dat bovenstaand ‘wildbeleid’ niet de taak is van een sportclub?
  18. Kunt u toelichten op welke basis zogenaamd zieke hazen mogen worden dood geschoten en hoe is vastgesteld dat deze hazen ziek zijn?
  19. Is het college met ons van mening dat het de vraag is of het ethisch verantwoord is een golfbaan te situeren in een bos en grenzend aan natuurgebieden, en vervolgens de oorspronkelijke, aanwezige dieren als schadelijk te beschouwen en hen daarom af te schieten? Graag een gemotiveerd antwoord.

    Per 1 januari 2017 is de de Wet Natuurbescherming in werking getreden. Deze nieuwe wet regelt dat provincies verantwoordelijk zijn voor het verlenen van tegemoetkomingen in faunaschade.
  20. Zou de club in aanmerking kunnen komen voor het bij12faunafonds?


Kirsten de Wrede
Partij voor de Dieren

Indiendatum: mei 2017
Antwoorddatum: 6 jun. 2017

Datum: 6 juni 2017
Documentnr: 2017-048.785/23/A.17
Behandeld door: F.S. Buurmeier
Antwoord op: uw brief d.d. 8 mei 2017
Onderwerp: Schriftelijke vragen met betrekking tot jacht op de NoordNederlandse Golf- en Country Club

Geachte mevrouw De Wrede,

Met uw in de aanhef genoemde brief zond u ons een 20-tal vragen met betrekking tot jacht op de Noord Nederlandse Golf- en Country Club (NNG&CC). De beantwoording daarvan treft u hieronder aan.

Vraag 1 Deelt het college de overtuiging dat de jacht zinloos is, zolang er niets aan de oorzaken van mogelijke schade wordt gedaan? Immers; de dieren zullen op het voedsel blijven af komen. De plek van doodgeschoten dieren zal worden ingenomen door nieuwe dieren. Graag een gemotiveerd antwoord.
Antwoord vraag 1: Zowel jacht op wildsoorten als bestrijding van schade door vrijgestelde en andere soorten, zijn bij wet onder voorwaarden toegestane activiteiten. De wetgever gaat er daarbij van uit dat deze maatregelen zinvol kunnen zijn.

Vraag 2 Is het college bereid met NNG&CC mee te denken over alternatieven voor bestrijding van de emelten en engerlingen zodat deze in minder grote mate aanwezig zullen zijn en daarmee de gevoelde noodzaak van jacht uitgesloten wordt? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze?
en Vraag 3 Is het college met ons van mening dat het beter is te kiezen voor een oplossing voor de lange termijn dan een oplossing voor de korte termijn? Zo ja, wil het college deze mening ook actief uitdragen naar NNG&CC?
en Vraag 4 Mocht NNG&CC niet aan een vorm van bestrijding van de emelten willen doen, zou het college dan, omwille van rust en veiligheid voor omwonenden en dieren, willen meedenken over vormen van verjagen als bijvoorbeeld het gebruik van laserlampen?
en Vraag 5 Bent u het met ons eens dat het om die reden alleen al onwenselijk is te jagen in een omgeving waar mensen met kinderen en/of (landbouw)huisdieren wonen?

Antwoord vragen 2 t/m 5: De provincie is het bevoegde gezag voor de Wet natuurbescherming. Haar taak in dezen is het zorgdragen voor een correcte uitvoering van deze wet. Deze wet staat jacht onder voorwaarden toe. Zo lang er sprake is van legale activiteiten op het gebied van jacht, beheer en schadebestrijding, zien wij in het onderhavige geval dan ook geen aanleiding handelend op te treden.

Vraag 6 Van tijd tot tijd staan er weer jachtongelukken in de krant met soms ernstig letsel voor mensen ten gevolge. Hoe groot acht u de kans dat jagers zich vergissen of mis schieten en, aangezien het afschot zich niet beperkt tot kraaien, per ongeluk huisdieren en/of andere vogels als raven, roeken en kauwen schieten? Bent u het met ons eens dat dit niet wenselijk is?
Antwoord vraag 6: Jagers mogen zich alleen in het veld bevinden met een geweer, als zij in het bezit zijn van een geldige jachtakte. Het bezit van een dergelijke jachtakte geeft aan dat de gebruiker hiervan kennis en ervaring heeft opgedaan in de omgang met een geweer, waardoor het gevaar voor openbare orde en veiligheid tot een minimum wordt gereduceerd. Afschot van andere dieren dan wettelijk is toegestaan is illegaal en valt onder de term stroperij. Dit kan leiden tot het intrekken van een jachtakte en kan verder strafbaar worden gesteld op grond van de Wet economische delicten.

Vraag 7 Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het jagen op deze tijden eventuele handhaving ondermijnt en hinderlijk is voor omwonenden?
en Vraag 8 Zo ja, wat is het college voornemens te gaan doen om dit aan te passen?

Antwoord vragen 7 en 8: Wij zijn het oneens met de stelling dat hierdoor de handhaving zou worden ondermijnd. Provinciale inspecteurs natuurwetgeving voeren ook 's nachts controles uit. Zoals uitgelegd in de beantwoording van de vragen 2 t/m 5, achten wij onze mening over kwesties die annex zijn aan jacht en schadebestrijding, zoals eventuele hinder voor omwonenden, niet relevant, voor zover deze activiteiten legaal zijn.

Vraag 9 Is er controle op de jacht op deze tijden vanuit NNG&CC zelf?
Antwoord vraag 9 Dit is ons niet bekend.

Vraag 10 Welke soorten staan nog meer in deze overeenkomst?
Antwoord vraag 10: Wij zijn niet op de hoogte van een dergelijke 'overeenkomst'. Waarschijnlijk wordt hier een jachthuurovereenkomst en/of grondgebruikersverklaring bedoeld. Deze wordt echter niet door de provincie verstrekt, maar is een overeenkomst tussen grondeigenaar en jager, waarbij de grondeigenaar de jager toestemming verleent op zijn gronden op bepaalde soorten te jagen.

Vraag 11 Erkent het college dat soorten als hazen en nijlganzen geen schade aan de golfbaan berokkenen en daarmee dus niet onder het schadebeperkingsbeleid van NNG&CC zouden moeten vallen?
en Vraag 12 Is het college bereid NNG&CC hierop aan te spreken? Graag een gemotiveerd antwoord.

Antwoord vragen 11 en 12: De haas is een soort die een gedeelte van het jaar bejaagbaar is (van 15 oktober tot 31 december). Voor bestrijding van schade buiten die periode is een ontheffing van de provincie nodig. Voor de nijlgans heeft de provincie op 7 juli 2015 een aanwijzing ex artikel 67 van de Flora- faunawet gedaan, op grond waarvan nijlganzen door jacht- of valkeniersaktehouders mogen worden bestreden in verband met schade aan fauna of gewassen. Voor bestrijding van door hazen aangerichte schade buiten het jachtseizoen heeft de provincie geen ontheffing verleend. Het bestrijden van de nijlgans mag alleen plaatsvinden, wanneer er sprake is van schade aan de genoemde belangen.

Vraag 13 Klopt het dat de provincie deze ontheffing heeft afgegeven? Op welke grond is dit gedaan?
Antwoord vraag 13: De provincie heeft een provinciebrede ontheffing afgegeven voor het afschot van reeën ten behoeve van populatiebeheer, in verband met de verkeersveiligheid, alsmede in het belang van het voorkomen van onnodig lijden van zieke en gebrekkige reeën. Van deze ontheffing kan gebruik worden gemaakt door Wildbeheereenheden die door de Faunabeheereenheid zijn gemachtigd. De gemachtigde kan een jachtaktehouder schriftelijk toestemming geven om van deze machtiging gebruik te maken.

Vraag 14. Is het college met ons van mening dat het organiseren van speciale kraaien-schietdagen overkomt als een evenement en daarmee als plezierjacht?
Antwoord vraag 14: De zwarte kraai is een landelijk vrijgestelde soort, die onder voorwaarden mag worden afgeschoten ter bestrijding of voorkoming van landbouwschade op WBE-niveau. Dit betekent dat zwarte kraaien mogen worden afgeschoten op de golfbaan, wanneer er ergens binnen de begrenzing van het gebied van de wildbeheerseenheid waarin de golfbaan is gelegen sprake is van landbouwschade. Ook mogen zwarte kraaien worden afgeschoten in verband met schade aan fauna. De Wet natuurbescherming stelt geen regels aan de vorm waarin dit afschot moet plaatsvinden. Het planmatige afschot, zoals wordt gebezigd tijdens deze kraaienschietdagen is daarom legaal. Te allen tijde moet hierbij de in artikel 1.11 bedoelde zorgplicht in acht worden genomen.

Vraag 15 Is het college met ons van mening dat deze soorten zo min mogelijk verstoord dienen te worden? Zo ja, bent u het met ons eens dat de jacht een grove verstoring is? Zo ja, wat gaat u hieraan doen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord vraag 15: Zo lang jacht, beheer en schadebestrijding plaatsvinden binnen de door de Wet natuurbescherming gestelde kaders, is er geen aanleiding om in te grijpen.

Vraag 16 Is het college het met ons en de Vogelbescherming eens dat het dood schieten van verschillende vogels en het meedoen met een dergelijke dag niet verenigbaar is? En zou het college dit ook gemotiveerd aan NNG&CC willen uitdragen?
Antwoord vraag 16: Zo lang er geen sprake is van illegale handelingen, is de mening van ons college wat dit betreft niet relevant. Wij zien hierin eerder een taak voor de Vogelbescherming zelf weggelegd om dit, als deze organisatie dit wenselijk acht, in de richting van de golfclub uit te dragen en eventueel de golfclub van de deelnemerslijst te schrappen.

Vraag 17 Is het college het met ons eens dat bovenstaand 'wildbeleid' niet de taak is van een sportclub?
Antwoord vraag 17: Het staat de golfclub vrij een wildbeleid te formuleren, als zij dit wenselijk acht. Zo lang de club zich bij de uitvoering van dit beleid binnen de wettelijke kaders, begeeft, zien wij geen aanleiding handelend op te treden.

Vraag 18 Kunt u toelichten op welke basis zogenaamd zieke hazen mogen worden dood geschoten en hoe is vastgesteld dat deze hazen ziek zijn?
Antwoord vraag 18: Hazen zijn een gedeelte van het jaar vrij bejaagbaar. Dit geldt ook voor zieke hazen. Mogelijk heeft de grondeigenaar in de jachthuurovereenkomst deze restrictie opgenomen. Wij weten niet hoe de jager vaststelt dat deze hazen ziek zijn.

Vraag 19 Is het college met ons van mening dat het de vraag is of het ethisch verantwoord is een golfbaan te situeren in een bos en grenzend aan natuurgebieden, en vervolgens de oorspronkelijke, aanwezige dieren als schadelijk te beschouwen en hen daarom af te schieten? Graag een gemotiveerd antwoord.
Antwoord vraag 19: Zie het antwoord op de vragen 1 en 2 t/m 5.

Vraag 20 Zou de club in aanmerking kunnen komen voor het bij12faunafonds?
Antwoord vraag 20: Er wordt geen tegemoetkoming in de schade verleend, wanneer deze schade wordt veroorzaakt door bejaagbare of vrijgestelde soorten. Hetzelfde geldt voorde nijlgans, aangezien dit geen beschermde inheemse soort is, maar een exoot

Wij vertrouwen er op u hiermede voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Groningen

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer