Schrif­te­lijke vragen inzake voor­be­reiding provincie op komst wolf


Geacht college,

Groningen heeft in de afgelopen jaren enkele malen bezoek gehad van solitaire wolven. De verwachting is dat dit in de toekomst vaker zal gebeuren en dat wolven mogelijk een roedel proberen te stichten in Oost-Groningen.

Het IPO en de BACVP hebben in 2016 een Operationeel Draaiboek Wolf (Fase 1) [1] opgesteld waarin een groot aantal maatregelen wordt genoemd om de komst van de wolf te begeleiden. Uit diverse peilingen blijkt dat er nog veel ‘wolvenangst’ is onder de bevolking. De provincie Drenthe heeft een onderzoek en nulmeting gehouden over schade door roofdieren aan schapen en geiten[2]. Het doel van dit onderzoek is om nog voordat er in Drenthe wolven rondzwerven het huidige aantal aanvallen op schapen en geiten in kaart te brengen.

  1. Op welke wijze was de provincie betrokken bij het overleg ‘Wolven in Nederland’ en het opstellen van het Operationeel Draaiboek Wolf? Op welke wijze wordt hieraan momenteel gevolg gegeven?
  2. Volgens Geert Groot Bruinderink, ecoloog en medeauteur van het nationale wolvenplan, is een centraal landelijk punt nodig waar informatie over mogelijk in Nederland voorkomende wolven wordt gecoördineerd, omdat relevante informatie nu niet wordt gecombineerd. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat een meldpunt voor wolven een taak voor het rijk is, waarbij meldingen in eerste instantie bij de provincie zouden horen binnen te komen en daarna gecentraliseerd worden, ook omdat eventuele schade voor boeren via de provincie verloopt? Bent u het met ons eens dat een meldpunt voor wolven niet thuishoort bij een particuliere club als Faunavisie in Westernieland? Wat is uw mening over het feit dat deze club zich plots heeft opgeworpen als meldpunt voor wolven?
  3. De vestiging van de wolf in Nederland kan voor een grote verandering in het ecosysteem zorgen. Wolvenexpert Kees de Ruiter zegt hierover: “Als de wolf straks de Veluwe of andere natuurgebieden in Nederland betreedt - wat hij zeker zal doen want er staan genoeg roedels langs de grens met Duitsland opgesteld - zal de invloed op het wildbestand te verwaarlozen zijn. Eens in de twee a drie weken eet hij een edelhert, ree of zwijn. Toch zal de wolf een spektakel aan veranderingen teweegbrengen. Dat komt door de geur die hij verspreidt. Reeën, wilde zwijnen, edelherten wilde paarden of koeien zullen zich terugtrekken in beschut gebied en niet meer op de open vlaktes grazen. Vlaktes die jarenlang niet begraasd zijn, zullen opeens begraasd worden en op andere plekken zal de vegetatie nu juist de ruimte krijgen, waardoor er zangvogels in de struiken komen, die weer roofvogels aantrekken. Zo zal de komst van de wolf een keten aan veranderingen in het landschap teweegbrengen. Volgens mij heeft de Nederlandse natuur zeer dringend een predator van formaat nodig.”(Mens en Natuur, dec. 2017) Bent u bekend met de uitspraken van Dhr. De Ruiter (IVN)? Bent u het met ons eens dat wolven in Groningen een verrijking van de natuur zijn? Zo nee, waarom niet?
  4. Gaat u maatregelen nemen bij nieuwe aanwezigheid van één of meerdere solitaire wolven in Groningen? Vindt GS het noodzakelijk een draaiboek op stellen specifiek voor de provincie Groningen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wordt hier al uitvoering aan gegeven?
  5. Bent u het met ons eens dat verjagen of verstoren van wolven ten zeerste moet worden voorkomen? Zo nee, waarom niet? Hoe denkt het college te voorkomen dat wolven illegaal worden bejaagd?
  6. Bent u het met ons eens dat onterechte ‘wolvenangst’ uit de wereld geholpen moet worden? Zo nee, waarom niet? Welke rol ziet u daar in voor de provincie? In het Operationeel Draaiboek wordt onder meer aanbevolen om het publiek te informeren over (het gedrag van) wolven en hoe bij confrontatie te handelen. Kunt u aangeven of u dit in de provinciale voorlichting meeneemt en op welke wijze?
  7. Uit het onderzoek in Drenthe blijkt dat onbekendheid met het juridische kader en de positie van de provincie daarbinnen een belangrijk aandachtspunt voor toekomstige voorlichting en communicatie vormt. Onderschrijft u deze conclusie? Zo ja, op welke wijze gaat u hiermee aan de slag?
  8. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat schapenhouders slecht voorbereid zijn op de komst van de wolf. Kan GS aangeven of deze groep (inclusief hobby schapen-en geitenhouders) al op enige wijze is benaderd, c.q. of het College voornemens is hen te benaderen? Bent u bereid om in kaart te brengen welke inspanning verricht moet worden om schapen en geiten te beschermen? Zo nee, waarom niet?
  9. Gevangen wolven dienen óf direct weer uitgezet óf in een opvangcentrum opgenomen te worden. Is het GS bekend of Groningen geschikte opvangcentra heeft? En zo niet, wil GS de realisatie ervan bevorderen, of stuurt u aan op opvang in andere provincies of Duitsland?
  10. Is het college het met ons eens dat oproepen tot ontheffing van de beschermde status zeer voorbarig en overbodig is en de angst voor wolven onnodig aanwakkert? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om dat standpunt in diverse gremia naar voren te brengen en op welke wijze?

Met hartelijke groet,

Kirsten de Wrede

Partij voor de Dieren

[1] https://www.ark.eu/sites/default/files/media/Wolf/Operationeel-draaiboek-wolf.pdf

[2] De Drentse schapen- en geitenhouderij in beeld: Nulmeting van predatie op schapen en geiten in de provincie Drenthe, juni 2016

Antwoorddatum: 24 jan. 2018

Vraag 1. Op welke wijze was de provincie betrokken bij het overleg 'Wolven in Nederland' en het opstellen van het Operationeel Draaiboek Wolf? Op welke wijze wordt hieraan momenteel gevolg gegeven?

Antwoord: In de inleiding van uw brief geeft u al aan dat wij betrokken zijn geweest via de IRQ structuur. Het Operationeel Draaiboek Wolf is door een ambtelijke werkgroep van rijk en provincies opgesteld en door de Bestuurlijke Advies Commissie Vitaal Platteland (BACVP) vastgesteld. De ervaringen die de provincie Groningen in 2015 heeft opgedaan met de eerste wolf zijn hierin meegenomen. Het Operationeel Draaiboek Wolf beperkt zich nu nog tot zwervende individuen. In opdracht van de gezamenlijke provincies werkt een ambtelijke werkgroep aan een uitbreiding op dit draaiboek. Deze uitbreiding zal ingaan op de situatie dat er daadwerkelijk sprake is van vestiging van een wolf of roedel.

Vraag 2. Volgens Geert Groot Bruinderink, ecoloog en medeauteur van het nationale wolvenplan, Is een centraal landelijk punt nodig waar informatie over mogelijk in Nederland voorkomende wolven wordt gecoördineerd, omdat relevante informatie nu niet wordt gecombineerd. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat een meidpunt voor wolven een taak voor het rijk is, waarbij meldingen in eerste instantie bij de provincie zouden horen binnen te komen en daarna gecentraiiseerd worden, ook omdat eventueie schade voor boeren via de provincie verioopt? Bent u het met ons eens dat een meidpunt voor wolven niet thuishoort bij een particuliere club als Faunavisie in Westernieiand? Wat is uw mening over het feit dat deze dub zich plots heeft opgeworpen als meldpunt voor wolven?

Antwoord: Wij zijn het met u eens dat er een meldpunt wolven moet zijn. Als uitvloeisel van de decentralisatie van het natuurbeleid zijn de provincies inmiddels vol verantwoordelijk voor de wolf. De provincies hebben daarom met de organisatie Wolven in Nederland afspraken gemaakt over het verzamelen en valideren van wolvenwaarnemingen. Door Wolven in Nederland gevalideerde waarnemingen zijn via de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) altijd weer voor de provincies beschikbaar. Als het gaat om meldingen van (mogelijk) aangevallen vee dan is BIJ12/Faunafonds als meldpunt aan de orde.

Het staat iedere particulier of organisatie vrij om eigen meldpunten in te richten maar deze worden niet ondersteund door de provincies. Omdat er zowel voor waarnemingen als voor schadegevallen een goed werkend meldpunt is achten wij extra meldpunten overbodig.

Vraag 3. Betreft geen vraag maar een citaat van Kees de Ruiter.

Vraag 4. Hoe kijkt het coliege aan tegen de (op)komst van de wait? Ziet u dit als een positieve of negatieve ontwikkeling en kunt u dit toelichten?

Antwoord; De wolf is welkom in Nederland en bovendien ook beschermd. De wolf kan bijdragen aan een meer dynamische natuur. Echter zien wij ook dat onze maatschappij niet meer gewend is om te leven met grote predatoren zoals de wolf waardoor er maatschappelijke discussies en angst ontstaan. Wij vinden het belangrijk om de wolf te beschermen maar willen ook de maatschappij niet onnodig belasten. Daarom wordt bijvoorbeeld schade die wolven veroorzaken aan vee vergoed.

Vraag 5. Bent u bekend met de uitspraken van Dhr. De Ruiter (iVN)? Bent u het met ons eens dat wolven in Groningen een verrijking van de natuur zijn? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Wij kennen de uitspraak van de heer De Ruiter uit uw citaat. Hetgeen hij beschrijft is echter wel bekend van andere gebieden waar de wolf na jaren weer terugkeert. Het Yellowstone National Park in de Verenigde Staten is hiervan een groot voorbeeld. Hier is veel onderzoek gedaan naar de effecten van de wolf op de natuur.
Vraag 6. Gaat u maatregelen nemen bij nieuwe aanwezigheid van één of meerdere solitaire wolven in Groningen? Vindt GS het noodzakelijk een draaiboek op stellen specifiek voor de provincie Groningen? Zo nee, waarom niet? Zo Ja, wordt hier ai uitvoering aan gegeven?

Antwoord: In het draaiboek dat volgt op het Operationeel Draaiboek Wolf zullen wij gezamenlijk met anderen afspreken hoe wij met de wolf om gaan zodra deze zich vestigt in Nederland. Wij zien op dit moment geen aanleiding om een draaiboek op te stellen die specifiek voor de provincie Groningen geldt. Immers heeft de wolf een zodanig groot territorium dat afspraken op provinciaal niveau niet zinvol lijken.

Vraag 7. Bent u het met ons eens dat verjagen of verstoren van wolven ten zeerste moet worden voorkomen? Zo nee, waarom niet? Hoe denkt het coliege te voorkomen dat wolven illegaal worden bejaagd?

Antwoord: Bewust verjagen en verstoren van wolven is in strijd met de wettelijke bescherming. De wolf vindt in Nederland echter een intensief gebruikt land, verstoring zal in enige mate onvermijdelijk zijn. Illegale bejaging is vooralsnog niet vastgesteld in ons land maar zal door ons op dezelfde manier worden benaderd als illegale bejaging van bijvoorbeeld bijzondere roofvogels.

Vraag 8. Bent u het met ons eens dat onterechte 'wolvenangst' uit de wereld geholpen moet worden? Zo nee, waarom niet? Welke rol ziet u daarin voor de provincie? in het Operationeel Draaiboek wordt onder meer aanbevolen om het publiek te informeren over (het gedrag van) wolven en hoe bij confrontatie te handelen. Kunt u aangeven of u dit in de provinciale voorlichting meeneemt en op welke wijze?

Antwoord: Mensen in Groningen en de rest van Nederland (en West Europa) moeten weer leren om met wolven te leven. De angst die mensen kunnen hebben is vaak onnodig. Wij zien voor de provincie een rol om het publiek voor te lichten over hoe zij om moeten gaan bij onder andere confrontaties. Hoe wij dit willen doen staat in het Operationeel Draaiboek Wolf en zal nog nader worden uitgewerkt in een aanvulling op het draaiboek zoals ook in het antwoord van vraag 1 wordt genoemd.

Vraag 9. Uit het onderzoek in Drenthe blijkt dat onbekendheid met het Juridische kader en de positie van de provincie daarbinnen een belangrijk aandachtspunt voor toekomstige voorlichting en communicatie vormt. Onderschrijft u deze conclusie? Zo Ja, op welke wijze gaat u hiermee aan de slag?

Antwoord: Wij herkennen ons in de genoemde punten van het onderzoek uit Drenthe. Wij verwachten dat in de uitwerking van het Operationeel Draaiboek Wolf meer aandacht zal komen voor het juridisch kader en de positie van de provincie en de wijze waarop wij gaan communiceren.

Vraag 10. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat schapenhouders slecht voorbereid zijn op de komst van de Vfolf. Kan GS aangeven of deze groep (Inclusief hobby schapen-en geltenhouders) al op enige wijze Is benaderd, c.q. of het College voornemens Is hen te benaderen? Bent u bereid om In kaart te brengen welke Inspanning verricht moet worden om schapen en gelten te beschermen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Wij hebben in de provincie Groningen nog niet actief schapen- en geitenhouders benaderd. Wel zijn er gericht contacten geweest met individuele schaaphouders. In opdracht van BIJ12-Faunafonds is een folder ontwikkeld met informatie voor schapen- en geitenhouders over de bescherming van hun vee. Deze folder is voor iedereen die praktisch aan de slag wil beschikbaar. Daarnaast zijn er in IPO verband contacten met de LTO vakgroep schapenhouderij gelegd om advies en voorlichting te bevorderen.

Vraag 11. Gevangen wolven dienen óf direct weer uitgezet óf In een opvangcentrum opgenomen te worden. Is het GS bekend of Groningen geschikte opvangcentra heeft? En zo niet, wil GS de realisatie ervan bevorderen, of stuurt u aan op opvang In andere provincies of Duitsland?

Antwoord: De provincies hebben het rijk verzocht om aan te geven welke (door het rijk erkende) opvangcentra geschikt zijn voor de eventuele tijdelijke opvang van een gewonde wolf. Dit heeft nog geen bruikbare adressen in Nederland opgeleverd.

Vraag 12. Is het college het met ons eens dat oproepen tot ontheffing van de beschermde status zeer voorbarig en overbodig Is en de angst voor wolven onnodig aanwakkert? Zo nee, waarom niet? Zo Ja, bent u bereid om dat standpunt In diverse gremia naar voren te brengen en op welke wijze?

Antwoord: Het ontheffen van de beschermde status lijkt ons juridisch gezien niet mogelijk en niet nodig. Angst voor wolven kunnen we begrijpen maar is vaak niet nodig. Samen met de andere provincies en betrokken partijen trachten we te komen naar meer voorlichting over hoe we samen leven met de wolf.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer