Afschot van dieren bij lang­durige kou


Indiendatum: jan. 2009

Datum: 8 januari 2009

Onderwerp: schriftelijke vraag ex. artikel 46 RvO over afschot van dieren bij langdurige kou


SPOEDVRAAG

Geacht college,

In de Provincie Groningen is de afgelopen weken sprake geweest van winterse omstandigheden (lage temperaturen, dichtgevroren water). Gebrek aan voedsel en schuilplaatsen leiden tot uitputting van in het wild levende dieren.

Bent u bereid gehoor te geven aan de oproep van de Faunabescherming (zie hieronder) om het afschot van dieren in het kader van jacht, beheer en schadebestrijding in de provincie Groningen onmiddellijk op te schorten wegens langdurige kou, gezien het daarover gestelde in artikel 53 van de flora- en faunawet? Zo nee, waarom niet?

Gezien het urgente karakter vragen wij om spoedige beantwoording van deze vraag.


Met vriendelijke groet,
Anja Hazekamp
fractievoorzitter Partij voor de Dieren

-------------------------------------------------------------------------------------------
P e r s b e r i c h t De Faunabescherming

Brandbrief naar provincies: Stop jacht op in het wild levende dieren

De Faunabescherming heeft een brandbrief aan Gedeputeerde Staten van alle
provincies gestuurd met het dringende verzoek de jacht op alle bejaagbare
dieren onmiddellijk op te schorten wegens extreme kou en sneeuw.

Ons verzoek betreft niet alleen de voor de wet bejaagbare dieren zoals
konijnen, wilde eenden, fazanten en houtduiven, maar ook de diersoorten
waarop mag worden gejaagd in het kader van populatiebeheer en
schadebestrijding zoals onder andere: hazen, ganzen, knobbelzwanen, vossen,
wilde zwijnen, damherten en reeën.

De Faunabescherming acht een algeheel schietverbod noodzakelijk tot enkele
weken na de vorstperiode, totdat watervogels weer volledig gebruik kunnen
maken van hun voedselbronnen, en de overige dieren hun voedsel weer kunnen
bereiken wanneer de sneeuw is verdwenen en de vorst uit de grond is.

Het schieten op dieren verontrust niet alleen die diersoorten waarop de
jager het oog heeft, maar treft ook andere kwetsbare diersoorten die in de
winterperiode al hun krachten moeten besteden om het schaarse beschikbare
voedsel te zoeken.

De Flora- en faunawet verbiedt weliswaar uitdrukkelijk het jagen op dieren
die als gevolg van weersomstandigheden in uitgeputte toestand verkeren, maar
het sein tot stopzetten van jacht berust bij Gedeputeerde Staten van de
provincies. Jagers stoppen immers niet uit eigen beweging, zelfs niet op
uitgeputte en op drift geraakte dieren, maar moeten daartoe worden
gedwongen.

De Faunabescherming spoort de twaalf provincies aan met spoed een
eensluidend besluit tot stopzetting van jagersactiviteiten te nemen, zodat
jachttoerisme binnen Nederland niet mogelijk is.

Bovendien pleit De Faunabescherming ervoor dat bij de beslissing van de
overheid om de jagersactiviteiten te stoppen, behalve de gebruikelijke
raadpleging van jagers en agrariërs, ook de belangen van dierenbeschermers
worden gehonoreerd.

Amstelveen, 6 januari 2009

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer