Bijdrage Staten­ver­ga­dering Brief Wensen en beden­kingen regionale klimaat­adap­ta­tie­stra­tegie


25 mei 2022

Voorzitter, we moeten ons als mensheid aanpassen aan een steeds warmer wordend klimaat. Niet een natuurlijke opwarming, maar één die door het destructieve gedrag van mensen is veroorzaakt!

Iedereen met een beetje gezond verstand, weet dat er grote stappen moeten worden genomen om klimaatverandering tegen te gaan. En dat er grote aanpassingen moeten worden gedaan om dat - wat inmiddels waarschijnlijk al onomkeerbaar veranderd is - met wijsheid tegemoet te treden. En bij dat laatste komt de klimaatadaptatie dus om de hoek kijken.

Voorzitter de temperatuur stijgt. Het is inmiddels bekend dat Nederland niet alleen droger wordt, maar ook in zekere zin natter. Het aantal stortbuien in de zomer is in de afgelopen veertig jaar verdubbeld. Die stortbuien veroorzaken wateroverlast. Maar omdat door de temperatuurstijging de verdamping in de zomer toe blijft nemen, zullen we vooral merken hoe droog het is - ondanks alle buien.

RUG-onderzoeker Margo van den Brink zegt hierover: „Er zullen vaker extreme regenbuien zijn en ook periodes van droogte zullen vaker voorkomen. De gevolgen van een watertekort variëren van schade aan natuur en landbouw, verzakking van gebouwen… tot problemen voor de scheepvaart. De drinkwatervoorziening kan ook in gevaar komen. Het is daarom belangrijk om regenwater goed in de bodem te infiltreren. „Zowel in stedelijk gebied, als in landbouwgebied, als in natuurgebied. Daar heeft iedereen profijt van. De landbouw en natuur via de betere beschikbaarheid van water en het stedelijk gebied door het voorkomen van hittestress en wateroverlast.”

Voorzitter, van oudsher is de waterhuishouding erop gericht om overtollig water zo snel mogelijk af te voeren naar zee. Doodzonde. Want hierdoor wordt het grondwater te weinig aangevuld met schoon regenwater. Door de lage grondwaterstand hebben natuur en landbouwgewassen geen buffer om een droge periode te overbruggen, …. treedt er extra veenoxidatie op - met als gevolg - een hoge uitstoot van CO2 en kunnen woningen op den duur schade oplopen door inklinking en verzakking van de bodem.

De provincies Groningen en Drenthe hebben samen met gemeenten en waterschappen een zgn. ‘Regionale Klimaatadaptatiestrategie’ opgesteld. Zij willen hiermee ‘een water-robuuste en klimaatbestendige inrichting realiseren van de leefomgeving in 2050’.

Dit klinkt veelbelovend, maar als het erop aan komt, lijkt alles bij het oude te blijven. Het waterpeil in de sloten mag nooit een tijdje wat hoger staan dan het gangbare landbouwpeil om te voorkomen dat zware landbouwmachines even niet het boerenland op kunnen.

Voorzitter, van alle grond in Groningen is ruim 60% in gebruik als landbouwgrond. Net als een spons biedt dit grote bodemoppervlak de mogelijkheid om immens veel regenwater vast te houden. Heel wat meer dan een appeltje voor de dorst.

Een hoger waterpeil is dus bij uitstek de manier om de gevolgen van weersextremen op te vangen… in combinatie met een grootschalig natuurherstel, ….het beperken van de uitstoot van CO2 ….en het voorkomen van nog meer schade aan woningen door inklinking van de bodem. Wat hiervoor allereerst nodig is, is een landbouw in harmonie met de natuur in plaats van een landbouw die de natuur (en daarmee de waterhuishouding) voortdurend en volledig naar z’n eigen hand wil zetten.

Wij zijn dan ook blij dat er in onze provincie een visie bestaat en pilots lopen mbt natuurinclusieve landbouw.

Voorzitter, wij Staten krijgen de kans onze wensen en bedenkingen uit te spreken over deze strategie, zodat deze, naar wij aannemen, meegenomen worden in de uitvoeringsagenda, die komend half jaar wordt opgesteld. Onze fractie wil van dit moment in het proces gebruik maken om de Regionale Uitvoeringsagenda bij te sturen, door het aanpassen van waterpeil in de agenda te verankeren, zodat er een - zoveel als mogelijk - hoger peilbeheer kan worden ingevoerd.

En daarom onze motie 'Spons Groningen'.