Schrif­te­lijke vragen inzake onder­be­steding natuur en biodi­ver­siteit NPG


Indiendatum: 28 mrt. 2022

Betreft: Statenvragen van de Partij voor de Dieren Statenfractie Groningen aan het college van GS ex artikel 67 RvO betreffende het Advies van de onafhankelijke Beoordelingscommissie aan het Algemeen Bestuur Nationaal Programma Groningen.

Geacht College,

Het Algemeen Bestuur (AB) van het Nationaal Programma Groningen heeft de onafhankelijke Beoordelingscommissie gevraagd om te onderzoeken of het NPG - dat is 2019 van start is gegaan - op de goede weg is en in hoeverre bijsturing nodig is. De beoordelingscommissie heeft onlangs verslag gedaan van haar bevindingen en hierover advies uitgebracht aan het AB.

Uit het onderzoek van de commissie blijkt, dat de verschillende ambities van het NPG nu niet voldoende in balans zijn. Eén van de conclusies is, dat de minste aandacht in het NPG uitgaat naar de ambitie om de natuur te verbeteren. In de woorden van de commissie ‘is er in het algemeen nog weinig focus op het gebied van biodiversiteit en natuurontwikkeling’.

Op basis hiervan doet de commissie onder aanbeveling 2 de volgende oproep aan het AB: ‘Durf te kiezen, breng focus aan. Vergroot de aandacht voor biodiversiteit en natuurontwikkeling. Onderzoek of extra moet worden ingezet op projecten die de biodiversiteit en natuurontwikkeling bevorderen. Op dit moment zijn dergelijke projecten relatief schaars. Als wordt vastgehouden aan de ambities inzake natuur en klimaat, dan is het raadzaam om meer daarop toegesneden projecten uit te lokken’.

Dat de ambitie om de biodiversiteit en natuurkwaliteit in Groningen te verhogen er in het NPG tot nu toe bekaaid van afkomt, is extra wrang in het licht van de probleemanalyse die ten grondslag ligt aan deze ambitie van het NPG. Zie hiervoor de onderstaande diagnose:

Diagnose: wat is de huidige situatie in de regio?

Om de hoofdambitie te realiseren is een betere prestatie van de regio nodig dan het landelijk gemiddelde op de Living Planet Index. In de afgelopen periode volgt de Groningse LPI de landelijke trend, van 2018 op 2019 is het verschil tussen de trends niet significant.
Er zal dus een forse inzet nodig zijn om structureel beter te gaan presteren. Hetzelfde geldt voor het inhalen van de achterstand van Groningen op de vervangende hoofdindicator Ecosysteemkwaliteit, die meer gaat over het voorkomen van specifieke soorten die een indicatie vormen van hoge natuurkwaliteit dan over de algehele ontwikkeling van populatie van diverse fauna zoals de LPI. De ambitie richt zich op veel verschillende onderwerpen: naast biodiversiteit worden ook onderwerpen als klimaatmitigatie, klimaatadaptatie, landschappelijke kwaliteit, natuur-inclusieve landbouw en openbaar groen genoemd.

De uitdaging is dan ook om projecten en programma’s in te richten die de inzet op klimaat, milieu en landschap kunnen koppelen aan de hoofdambitie: het verhogen van de biodiversiteit.

Wij stellen u graag de volgende vragen:

  1. Deelt u de hierboven genoemde conclusie van de commissie? Zo nee, op grond waarvan niet?

  2. Bent u met ons van mening dat de inzet van NPG-budget voor natuur en biodiversiteit sterk kan bijdragen aan het behalen van provinciale natuurdoelen en daarmee moet worden gezien als een kans die niet mag worden gemist?

  3. a. Neemt u de aanbeveling c.q. oproep van de commissie over om meer aandacht en prioriteit te geven aan de ambitie voor biodiversiteit en natuurontwikkeling? b. Zo nee, op grond waarvan wilt u hier geen gehoor aan geven? c. Zo ja, welke acties gaat het college ondernemen om veel meer middelen uit het NPG in te (laten) zetten voor de ambitie om de biodiversiteit en natuurkwaliteit in Groningen te verhogen, bijv. voor natuur-inclusieve landbouw? Bent u bereid Provinciale Staten hierover schriftelijk te informeren en op welke termijn?

Met vriendelijke groet,

Ankie Voerman

Partij voor de Dieren

Indiendatum: 28 mrt. 2022
Antwoorddatum: 19 apr. 2022

U kunt de antwoorden hier inzien.