Staten­vragen betref­fende de opvang van zeehonden


Indiendatum: okt. 2015

Geacht college.

Gister heeft de politierechter in Leeuwarden een tweetal verdachten ontslagen van alle rechtsvervolging; volgens de rechter hadden de twee bij het illegaal opvangen van zeehonden gehandeld uit overmacht. De rechter stelde dat er twee conflicterende belangen waren: de wettelijke plicht om in de Waddenzee gevonden zieke zeehonden over te brengen naar de zeehondencrèche in Pieterburen tegenover de wettelijke plicht om zeehonden die hulp behoeven de nodige zorg te verlenen.

Wij stellen u hier graag enkele vragen over.

1. De uitspraak van de rechter is opvallend, omdat de rechter stelt dat er een grote kans was dat de dieren, naar Pieterburen gebracht, dood zouden zijn gegaan. Dit in verband met het nieuwe Protocol. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat deze situatie opheldering vereist? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen gaat u hiertoe ondernemen?

2. Mensen zijn verplicht zeehonden in nood hulp te verlenen. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat de uitspraak van de rechter impliceert dat er op dit moment niet een goed en erkend zeehondenopvangcentrum is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke conclusies trekt u hieruit?

3. Enige tijd geleden hebt u het ministerie van Economische Zaken geadviseerd geen vergunning te verlenen voor een tweede zeehondenopvang in onze provincie, in Termunten, omdat deze te dicht bij Pieterburen zou zitten. Waarom vindt u dit bezwaarlijk, terwijl in Zeeland twee opvangcentra nog veel dichter bij elkaar zitten? (1)

4. Heeft u contact gehad met de zeehondencrèche in Pieterburen voordat u besloot een negatief advies over een tweede zeehondencrèche te geven? Zo nee, waarom niet? Zo ja, heeft dit uw advies beïnvloed en op welke wijze?

5. Een keerzijde van het succes van het toenemend toerisme op de Wadden is het feit dat jongen hun moeders kwijt raken doordat mensen te dicht bij komen. Speelt dit ook in onze provincie?

Met vriendelijke groet,

Kirsten de Wrede

Partij voorde Dieren

(1) Oostvoorne en Stellendam in Zeeland liggen slechts 15 kilometer uit elkaar. De opvang in Oostvoorne is nog niet gebouwd, maar wel vergund.

Indiendatum: okt. 2015
Antwoorddatum: 27 okt. 2015

Geachte mevrouw De Wrede,

In reactie op uw boven genoemde brief waarin u vragen stelt over opvang van zeehonden in de provincie Groningen volgen hierbij de antwoorden.

Vraag 1. De uitspraak van de rechter is opvallend, omdat de rechter stelt dat er een grote kans was dat de dieren, naar Pieterburen gebracht, dood zouden zijn gegaan. Dit in verband met het nieuwe Protocol. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat deze situatie opheldering vereist? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen gaat u hiertoe ondernemen?

Antwoord: Wij zijn geen partij in de uitspraak die gedaan is door de rechter in deze zaak. Wij zullen dan ook geen verder stappen nemen naar aanleiding van deze uitspraak.

Vraag 2. Mensen zijn verplicht zeehonden in nood hulp te verlenen. Bent u het met de Partij voor de Dieren eens dat de uitspraak van de rechter impliceert dat er op dit moment niet een goed en erkend zeehondenopvangcentrum is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke conclusies trekt u hieruit?

Antwoord: Het is niet aan ons om de kwaliteit van de erkende zeehondenopvangcentra in Nederland te beoordelen. Deze bevoegdheid ligt bij het ministerie van Economische Zaken.

Vraag 3. Enige tijd geleden hebt u het ministerie van Economische Zaken geadviseerd geen vergunning te verlenen voor een tweede zeehondenopvang in onze provincie, in Termunten, omdat deze te dicht bij Pieterburen zou zitten. Waarom vindt u dit bezwaarlijk, terwijl in Zeeland twee opvangcentra nog veel dichter bij elkaar zitten? (Oostvoorne en Stellendam In Zeela nd liggen slechts 15 kilometer uit elkaar. De opvang in Oostvoorne is nog niet gebouwd, maar wel vergund.)

Antwoord: Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat opvang van zeehonden niet noodzakelijk is met de huidige populatieomvang. Zeehonden kennen geen natuurlijke vijanden. Populaties zeehonden zullen gereguleerd worden door emigratie, ziekten en sterfte. Ingrijpen in dit proces kan de gezondheid en het welzijn van de wilde populatie juist verstoren. Wetenschappers geven aan dat moederzeehonden hun jongen soms uren alleen achter laten zonder dat dit ten koste gaat van hun gezondheid. Dit bemoeilijkt de beoordeling of een dier in nood is. Het (trilaterale) Waddenzeebeleid streeft naar zo ongestoord mogelijk natuurlijke processen. Dit houdt in dat er zo min mogelijk moet worden ingegrepen in de populatie zeehonden. Dit beleid is verwerkt in het Protocol waarnaar u in eerdere vragen verwijst. In onze zienswijze aan het ministerie van Economische Zaken hebben wij geconstateerd dat er overlap zit met het opvangcentrum in Pieterburen. Gezien het schrijven in de voorgaande alinea hebben wij aangegeven dat dit ongewenst is.

Vraag 4. Heeft u contact gehad met de zeehondencrèche in Pieterburen voordat u besloot een negatief advies over een tweede zeehondencrèche te geven? Zo nee, waarom niet? Zo ja, heeft dit uw advies beïnvloed en op welke wijze?

Antwoord: Nee, wij hebben onze reactie gebaseerd op hetgeen in vraag 3 aan de orde is geweest.

Vraag 5. Een keerzijde van het succes van het toenemend toerisme op de Wadden is het feit dat jongen hun moeders kwijt raken doordat mensen te dicht bij komen. Speelt dit ook in onze provincie?

Antwoord: Er zijn afspraken gemaakt met de vaarrecreatie over onder anderen hoe om te gaan met zeehonden in het Waddengebied. Het ministerie van Economische Zaken is belast met de handhaving hiervan. Het kan voorkomen dat de afspraken worden overtreden en er verstoring optreedt. Gelet op de populatie ontwikkeling die een positieve trend laat zien, en inmiddels stabiliseert, is er geen reden om aan te nemen dat deze verstoring een wezenlijk significant effect heeft.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

Gedeputeerde Staten van Groningen

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer