Woord­voering TTIP, Staten­ver­ga­dering van 16 december 2015


16 december 2015

Dank u wel voorzitter.

TTIP leidt tot ongewenste ontwikkelingen, komt voort uit verkeerde overwegingen en komt op een ondemocratische manier tot stand.

TTIP moeten we zien in het licht van verschillende ontwikkelingen zoals mondialisering en verjuridisering. Die verjuridisering van de samenleving is natuurlijk hard bezig. Recent heeft de provincie al een voorproefje gekregen van wat TTIP ons gaat brengen: een boer die megastallen wilde bouwen maar dit niet kon omdat de nieuwe provinciale verordening dit belette. Opeens werd de politieke discussie bevolkt door advocaten en juridische adviesbureaus, ingehuurd met maar één doel: het voorkomen van miljoenenclaims. Door TTIP zal de vrijheid van overheden om zelf het beleid te bepalen, vergaand worden ingeperkt.

Want de intentie van TTIP is niet zozeer het wegnemen van tariefmuren: de onderhandelingen gaan vooral over het gelijkschakelen van regelgeving, wettelijke voorwaarden en standaarden voor producten. Maar, zoals de econoom en Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz zei: het zijn parlementen die moeten bepalen wanneer voedsel veilig is en hoe ver weg we gaan met chemicaliën, genetische manipulatie of gaswinning; niet de handelslobby. Het mondiale bedrijfsleven, zegt hij, probeert via grote handelsakkoorden verdere deregulering door te drukken die ze van de politiek anders niet meer krijgt.

Sommigen zeggen dat TTIP alleen maar werkgelegenheid kost. Vergeleken met de Amerikaanse gigalandbouwbedrijven zijn onze megstallen maar keuterboeren. Met TTIP voeren we ook hun productiemethodes in en de afwezigheid van dierenwelzijnsregels. De dierenwelzijnsregels die wij ondertussen hebben opgebouwd kun je in de woorden van de filosoof Will Kymlicka heel goed beschouwen als “knabbelen aan de randen van het systeem van de exploitatie van dieren”, maar het is toch een prestatie, vergeleken met andere werelddelen waar dieren alleen maar beschouwd worden als producten, zoals in de VS. De VS heeft al verklaard dat dierenwelzijn geen handelsissue is en hoeveel waarde gehecht moet worden aan tegenstrijdige verklaringen vanuit de Europese Commissie is de vraag: de verleiding van geprojecteerde economische groei maakt kwetsbaar voor toegeven.

TTIP is gebaseerd op de verkeerde overwegingen. Ik wil, wederom, verwijzen naar een rapport dat eind vorig jaar is uitgekomen van de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) “Naar een voedselbeleid” heette dat. Het rapport stelt juist dat we moeten overstappen van een exportbeleid naar een voedselbeleid. We zouden onafhankelijker van het buitenland moeten worden en met name dingen verbouwen die we zelf kunnen eten. Dit gaat regelrecht in tegen de doelstellingen van TTIP, en CETA, namelijk het stimuleren van onze landbouwexport.

Het stimuleren van duurzamere landbouw en schone lokale energie zou ook wel eens lastig kunnen worden onder TTIP, omdat het immers verbiedt onderscheid te maken tussen lokale producten en buitenlandse. Dergelijke handelsverdragen hebben zelfs een repressieve uitwerking op regelgeving: overheden durven geen wetgeving meer te maken voor bepaalde misstanden of bedreigingen voor het milieu, uit angst een claim van een multinational aan de broek te krijgen.

De wijze waarop TTIP tot stand komt is niet transparant. De democratische controle voor TTIP is gering: de EC probeert te vermijden dat TTIP ter stemming komt in de 28 nationale parlementen en het Europees Parlement heeft slechts minimaal gelegenheid om aan het proces bij te dragen. Maar multinationals mogen meeschrijven! Het zijn met name lobbyisten van bedrijven geweest, die in Brussel aan het kortste touwtje trekken. De democratie wordt buitenspel gezet.

De Partij voor de Dieren is niet tegen vrijhandel. Maar wel tegen internationale regelgeving die omwille van maximale export nationale wetgeving buitenspel zet.

Voorzitter, tot slot. TTIP zou moeten gaan leiden tot meer vrijhandel en we hebben in de afgelopen tientallen jaren gezien waar dat toe leidt. Milieuvervuiling, ontbossing, biodiversiteitsverlies en heel veel rotzooi waar de wereld niets aan heeft. Het argument dat desondanks de armsten er door vrijhandel ook op vooruit gaan, geldt niet meer.

Wat wij nodig hebben is een economie die in balans is met de ecologische grenzen van onze planeet, in het bijzonder ook die van onze eigen provincie, een economie die de balans terugvindt in de verdeling van materiële rijkdom en van natuurlijkerijkdommen zoals gas, die dienstbaar is aan de mens en niet andersom.

Dank u wel.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer