Provin­ciale Staten - Muskus­rat­ten­be­strijding is water­gruwel


10 november 2009

Muskusratten

100 gram parelgort
50 gram suiker
150 gram krenten en/of rozijnen
1 citroen
3 kaneelstokjes
3 deciliter bessensap
3 gram zout
1 liter water

Voorzitter, dit zijn de ingrediënten voor het bereiden van oud-groningse krentjebrij. U zult zich misschien afvragen wat het verband is met de muskusrattenbestrijding, maar dat zal ik u uitleggen. Krentjebrij heeft, net als de muskusrattenbestrijding, een lange traditie.
Krentjebrij is, net als de muskusrattenbestrijding, iets wat meer en meer hoort bij het verleden. Misschien zou je het zelfs ouderwets kunnen noemen.
Krentjebrij is eigenlijk iets wat, net als de muskusrattenbestrijding, steeds minder noodzakelijk wordt, omdat er een tegenwoordig een ruime keuze voorhanden is uit alternatieven.
Het voorstel van Friesland Foods om de krentjebrij af te schaffen, leidde vorig jaar in Groningen tot enorm veel protest. Vergelijkbaar met de protesten tegen het voorstel van de Provincie Groningen om de muskusrattenbestrijding te stoppen. Het gaat blijkbaar veel mensen erg aan het hart. Friesland Foods zwichtte voor de protesten (dochter Vecozuivel-Bessola). En de provincie Groningen is nu blijkbaar ook gezwicht voor druk van buitenaf.
Maar voorzitter, de belangrijkste overeenkomst is wat mij betreft dat krentjebrij en de muskusrattenbestrijding beide door het leven kunnen gaan onder een andere naam; Watergruwel!

Afgrijzen, afschuw, verschrikking, wreedheid, verfoeiing, walging, weerzin en ellende. Allemaal synoniemen voor het woord gruwel! En wat de Partij voor de Dieren betreft zijn ze allemaal van toepassing op de wijze van bestrijding voor de muskusratten. Een gruwelijke dood. Afschuwelijk en wreed. Voor alle slachtdieren wordt in Nederland de norm gehanteerd dat een dier binnen 1 seconde buiten bewustzijn, bedwelmd of dood is. Bij muskusratten kan dat soms wel 20 minuten duren. 20 minuten! Echt gruwelijk!

Voorzitter, ik zou graag van de andere Statenfracties horen of ze het ook een gruwelijke vorm van bestrijding vinden. En zo ja, vinden ze het dan gruwelijk genoeg om hier ook wat aan te gaan doen? Ik zou namelijk wel eens willen weten of er hier mensen aanwezig zijn die ’s nachts wakker liggen, omdat ze verantwoordelijk zijn voor een van de ergste dodingsmethoden die wereldwijd gebruikt wordt. Voor tienduizenden dieren per jaar! En daar ook nog eens miljoenen euro’s voor op tafel leggen.


Voorzitter, wat ons betreft is de noodzaak niet aangetoond. En is bestrijding niet effectief. En zijn er alternatieven en preventieve middelen voorradig. Het college heeft ook steeds erkend en kwam daarom ook met het voorstel voor de proef met het passief bestrijden van muskusratten. Zelfs de muskusrattenvangers geven aan dat het dweilen is met de kraan open. Zo werd vorige week bekend dat er tegenwoordig meer muskusratten dan mensen wonen in Blauwestad. Ik weet niet of dat komt doordat er weinig mensen wonen of zoveel waterwoelers, maar affijn. In een radio-interview bij RTV Noord op 2 november, werd aan Flip Kraster, een bestrijder van de provincie gevraagd of het niet vechten tegen de bierkaai is. “Ja, zegt hij hierop volmondig, dit is vechten tegen de bierkaai”.

Waarom dan toch de proef met het niet bestrijden afblazen en doorgaan op de huidige manier? Het college geeft 3 redenen:

3. Het verslechterd financiële perspectief.
Tsja. Geld. Voorzitter, als je jaarlijks 2 miljoen euro uitgeeft aan iets waarvan je eigenlijk wel weet dat het niet helpt, kun je toch niet blijven volhouden dat het een kwestie is van geld? Het doden van muskusratten leidt niet tot een verlaging van de stand, laat staan tot uitroeiing van de soort. Door de vangst wordt in hoge mate de reproductie gestimuleerd. Zeker in een waterrijke provincie. En dat bleek deze week nog weer eens. Het schijnt namelijk dat er de afgelopen tien weken 260 muskusratten gevangen zijn in de Blauwestad en dat daar nu een bestrijder wordt ingezet speciaal voor de BlauweStad. Klopt dat? Ik zou dan graag willen weten van het college of hier nog extra kosten mee gemoeid zijn? Wordt hier iemand extra voor ingehuurd of komt het uit de bestaande formatie?
Nee voorzitter, het afblazen van de proef komt volgens ons niet door gebrek aan geld. Het komt door het gebrek aan politieke wil!

2. De overdracht van de verantwoordelijkheid naar de Waterschappen.
Ik zou hierover graag van college willen weten of het bericht in de Staatscourant klopt dat de provincies hiervoor nog 5 jaar doorbetalen aan de waterschappen? En hoe denkt het college dat de waterschappen e.e.a. kunnen financieren met minder middelen over 5 jaar? Als de waterschappen over 5 jaar een efficiencyslag moeten maken om het betaalbaar te houden, is het dan niet verstandig om nogmaals bij de waterschappen aan te dringen om mee te werken aan de proef met niet-bestrijden? Kan het college garanderen dat er na die periode van 5 jaar geen financiële middelen van de provincie worden verstrekt aan de bestrijding van muskus en beverratten?

3. GS vindt het beter om aan te sluiten bij Landelijke proef van LCCM met variabele bestrijdingsintensiteit.
Het college volgt de LCCM die aangeeft dat het niet-bestrijden te veel risico’s kent en dat daarom geen veldexperiment met stopzetting van de bestrijding worden uitgevoerd. Maar voorzitter, het rapport van Altenburg en Wymenga wat aan deze proef ten grondslag ligt concludeert dit helemaal niet. Daarin wordt gesteld dat het niet-bestrijden gefaciliteerd zou moeten worden. Omdat wij dit onderdeel essentieel vinden dienen wij de volgende motie in.



Voorzitter, het lijkt alsof het rapport van Altenburg en Wymenga uit augustus plotseling een heel nieuw licht op de zaak werpt. Dit is niet terecht. Het rapport verandert niets ten opzichte van de situatie van een half jaar geleden. Toen gaf het college nog aan dat ze niets zagen in zo’n theoretisch onderzoek. Waarom dan toch deze kentering? Waarom heeft het college zoveel vertrouwen in een nieuw onderzoek wat voortborduurt op dit theoretische model? Een goed model moet worden gevoed met adequate gegevens om goede voorspellingen te kunnen doen. Gegevens die er in dit geval helemaal niet zijn. Niemand weet precies hoe populaties of schades zich ontwikkelen. Dit model is enkel gevoed met veronderstellingen en aannames die discutabel of zelfs bewezen onjuist zijn. De gedeputeerde zei tijdens de commissievergadering ook dat hij het met deze aanmerkingen op het rapport eens was. Wat is er dan zo nieuw aan de situatie nu?

En waarom geeft het college in haar brief over de procedure aan dat zij nooit hebben ingestemd met de proef en dat het persbericht van GS van 30 maart 2009 hierover onjuist is? Voorzitter, dit persbericht heeft geleid tot enorm veel publiciteit en media-aandacht. Er was toch alle gelegenheid om e.e.a. te nuanceren of in te trekken? Dat is niet gebeurd. Daarentegen heeft de toenmalige gedeputeerde uitermate stellig het bericht bevestigd. Waarom wordt nu de inhoud van dat persbericht teruggetrokken? Het draagt absoluut niet bij aan het de betrouwbaarheid in GS. Integendeel. De Partij voor de Dieren wil hierover meer duidelijkheid, want wij nemen niet zonder meer genoegen met uw excuses aan de staten hierover.

We zijn allemaal opgegroeid met de fabel dat muskusratten een grote bedreiging zijn. Het zit in ons collectieve geheugen. Maar wat kunnen inzichten toch veranderen in de loop van de tijd. Nu de bever al lang niet meer gezien wordt als een bedreiging is wat ons betreft ook de muskusrat aan een opwaardering toe. Deze dieren verdienen in ieder geval een eerlijk proces voor ze geëxecuteerd worden. Verschillende biologen, dierenbeschermers en natuurbeschermers hebben allemaal aan ons laten weten dat ze graag de proef zouden willen. En in het artikel uit de Staatscourant kunnen we lezen dat ook muskusrattenbestrijder Marcel Franken het jammer vindt dat de Groningse proef niet doorgaat. Hij zou de dieren wel willen laten leven. Hij geeft aan dat er sinds de dieren in ons land voorkomen we proberen om ze te bestrijden en dat het nooit onderzocht is of we niet ook gewoon met deze dieren kunnen samenleven.

Daarom dienen wij de volgende motie in:


Voorzitter, de huidige muskusrattenbestrijding is echt een gruwel. Wij moeten nu onze verantwoordelijkheid nemen en daar verandering in brengen. Ik zou daarom tot slot nog een uitspraak van Abraham Lincoln willen meegeven aan de statenleden en het college:
Je kunt de verantwoordelijkheid van morgen niet vermijden door deze vandaag te ontlopen!

Dank u wel.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer