Nota Natuur­beleid en Programma Landelijk Gebied 2


3 juli 2013

Voorzitter,

Groningen heeft, als ‘uithoek’ van Nederland, een schat aan mooie natuur. Het Waddengebied bijvoorbeeld, is een baken voor unieke diersoorten en ook in het Lauwersmeergebied vinden bijzondere dieren en planten een veilige plek, waar zij mogen zijn. De Groningse natuur is een pronkjewail, voorzitter, die we moeten beschermen tegen roof. Roof door investeerders in industrie, veehouders, bouw van woningen en bedrijventerreinen of talloze stroken asfalt. Ons pronkjewail wordt beschadigd door stikstofuitstoot van intensieve veehouderijen, gifgebruik door particulieren en overheden en door andere giftige stoffen, zoals uitlaatgassen. Dit pronkjewail wordt bedreigt door lage grondwaterstanden en vervuild oppervlaktewater. Ons pronkjewail krijgt hiervoor niet meer de nodige bescherming van het Rijk, maar wij kunnen die bescherming wel bieden. Kùnnen, voorzitter. Maar doen we dat ook?

Als we naar de beleidsnota Natuur kijken, dan wordt een prachtig beeld van de provincie neergezet. Een prachtig vergezicht wordt ons voorgeschoteld. waarin we de natuur versterken, verduurzamen, verbinden en robuuster maken. Een natuur waarin mens en dier naast elkaar samenleven. Dit is een prachtig beeld van duurzame landbouw, duurzame energie. Maar voorzitter, daar blijft het dan ook bij. Het ambitieniveau ligt niet hoog.

Neem de omschrijving van de EHS, het beste wat we de natuur te bieden hebben. Is dat echt het beste wat we te bieden hebben? Geldt dat ook voor deze kleinere EHS?

Voorzitter, als we naar het PLG kijken, waarin de daadwerkelijke acties en middelen genoemd worden, dan blijkt de visie ook nog eens niet betaald te kunnen worden. En dan blijkt ook dat er geen concrete doelen worden gesteld. Het is een onrijp en abstract verhaal, begrippen worden niet concreet gemaakt, ze bevat diverse impliciete waardeoordelen. Doelen zijn zo omschreven, dat wij als PS onze controlerende taak niet eens goed uit kunnen voeren. Geen van de doelen is namelijk concreet omschreven of toetsbaar, of modern gezegd, SMART geformuleerd. Er is geen ecologisch inhoudelijke beschrijving van de ecosystemen die voor de provincie belangrijk zijn. Een beschrijving van de ontwikkelingen en de huidige stand van zaken ontbreekt. Ook ontbreekt een evaluatie van het tot nu toe gevoerde natuurbeleid en de sterke en zwakke kanten daarvan, laat staan dat daar heldere conclusies aan worden verbonden voor de komende periode.

Welke beleidskeuzen worden nu gemaakt en waarom? Hoe zijn die inhoudelijk onderbouwd? Nu valt vrijwel alleen te lezen dat de rijksbezuinigingen de reden zijn voor het aangepaste beleid. Een eenzijdige boekhoudkundige benadering. Sterker nog: dit beleid is niet eens getoetst aan eerder gevolgd beleid, of zelfs aan de hand van ervaringen elders in provincies.

Voorzitter, waarom wordt nergens inzichtelijk gemaakt hoe het nu gaat met onze natuur. In de toestand van natuur en landschap uit 2011 werd een weinig optimistisch beeld geschetst van de kwaliteit van natuur en landschap in de provincie Groningen. Achteruitgang van vele soorten, inclusief akkervogels, inclusief weidevogels, door falend agrarisch natuurbeheer, lage waterstanden en de nadelige gevolgen van de intensieve veehouderij. binnen, maar vooral ook buiten de EHS. En aangezien er sinds 2011 weinig vooruitgang is geboekt op het terrein van ontwikkeling, herstel en bescherming van natuur en landschap, hadden wij verwacht dat er aandacht was geschonken aan de staat van natuur en landschap op dit moment.

Voorzitter, de eerstvolgende Toestand Natuur en Landschap is pas in 2014 klaar. U bent vast bekend met de uitspraak “wie zijn verleden niet kent, zal ook geen toekomst hebben”. Dat zegt genoeg. We maken dus nu beleid zonder concrete doelstellingen, zonder recente gegevens en zonder evaluaties. Nergens wordt een beeld geschetst van hoe de natuur er nu voor staat. De wereld op z’n kop, voorzitter. Daarom dienen we samen met de fractie van de SP de volgende motie in.

MOTIE

Ambities zijn er in allerlei kleuren en smaken, maar de hand blijft op de knip. Maar voorzitter, van gebakken lucht maak je geen sterke ecologie. De afspraak was, zoals al eerder door PS aangekaart, dat ruim 2 miljoen door de provincie geïnvesteerd zou worden in natuur en nu wordt deze bijdrage weggestreept tegen de rijksbijdrage. Dat is een bewuste keuze van dit college, en, zo weten we inmiddels, ook van de meerderheid van deze staten. De natuur moet maar even ‘on hold’. Eigenlijk zijn we daarmee de huid van een ernstig zieke beer al aan het verkopen voordat deze geschoten is.

Onacceptabel, helemaal gezien er in dezelfde nota wel veel aandacht is geschonken aan de agrarische sector. Onacceptabel, als we merken dat er wèl geld is om te investeren in asfalt en met gif in de natuur te spuiten. Ik hoor u denken, ‘gif in de natuur? Dat zal toch niet,’ maar voorzitter, dat is wel wat wij constateren. Wij zien dat er in vele gebieden die met subsidies voor agrarisch natuurbeheer niet alleen wordt gejaagd, maar we zien ook dat daarin de distels zijn doodgespoten. Distels, heel belangrijke planten voor bijen en vlinders, die dus zowel direct als indirect de dupe worden van het bestrijden van distels met gif.

Ik heb daarom een aantal vragen aan het college. Wordt er inderdaad gif gebruikt in gesubsidieerde akkerranden, wintervoedingsvelden en natuurbraakterreinen? Kan de gedeputeerde hier opheldering over geven? Wat gaat dit college doen om dit tegen te gaan? We kunnen ons niet voorstellen dat u hier niet streng tegen gaat optreden. Heel graag een heldere reactie!

Dat brengt mij bij de hoofddoelstellingen voor natuur- en landschapsbeleid, zoals genoemd in de Nota Natuur (p23). Deze slaan in eerste instantie een goede weg in, zoals doelen ter versterking van biodiversiteit, maar als we dan bij de laatste bullet aankomen, slaat deze ingezette koers rigoureus om: voorzitter, ‘een bijdrage leveren aan een goed investeringsklimaat’ als natuurdoelstelling? Waarom is dit een hoofddoelstelling? Bovendien wordt gebruik van de natuur door de mens als hoofddoel gezien. Op welke manier heeft de natuur er baat bij dat mensen en hun huisdieren er doorheen lopen? Natuurlijk is het een mooi iets om als mens te kunnen genieten van natuurschoon, maar kwetsbaardere natuurgebieden zouden moeten worden beschermd tegen gebruik door mensen. Zoals wij al in de commissie zeiden: natuur is er niet ter verdienste van de mens, maar heeft bestaansrecht op zichzelf.

Daarom dienen we de volgende motie in.
MOTIE

Het lijkt wel of de lange termijnblik, waarmee wordt begonnen in de nota Natuur, bij de uitvoering bij de verdeling van de middelen vergeten wordt. Bezuinigen op beleid waarbij nu wat euro’s vrijkomen, waar waarbij op lange termijn nog veel meer investeringen nodig zijn om de schade te herstellen, dat zijn geen bezuinigingen volgens de PvdD.

Dat is kortetermijndenken en alles behalve duurzaam. Natuurlijk worden er ook goede zaken bemiddeld in de stukken, zoals bij Westerwolde en het Zuidlaardermeer, maar inmiddels zijn we afgegleden van een proactieve provincie, naar een van de meest passieve provincies als het op natuurbeleid aankomt en dat is gewoon doodzonde.

In het boekje Pracht en Macht, wat vorige week gepresenteerd is in dit provinciehuis, daar staat in dat in het verleden gedeputeerde staten bereid waren te investeren in representatieve doelen. Laten we dat ook doen als het gaat om het meest belangrijke wat we hebben. En de Groningse natuur het visitekaartje van Groningen maken. Ons pronkjewail.

Laten we ons pronkjewail met trots overnemen van het Rijk, haar schoonpoetsen en verzorgen, zodat zij voor de generaties na ons mooier zal schitteren dan ooit en een schat zal blijven voor de talloze dieren èn mensen die daarvan genieten.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer