Lifelines en Eriba - dier­proeven


2 februari 2010

Vergadering Provinciale Staten 3 februari 2010

Lifelines en ERIBA - dierproeven

Voorzitter, wij maken ons zorgen over de het gebruik van proefdieren in door de provincie gesubsidieerd onderzoek. Uit de beantwoording van de vragen over de subsidies voor de projecten Lifelines en ERIBA blijkt dat er geen dierproeven worden gedaan, met uitzondering van proeven op Caenorhabditis Elegans, een nematode, en fruitvliegjes. Deze experimenten worden volgens de wet niet als dierproeven aangemerkt. Echter, er is ook sprake van het gebruik van cellen, weefsels en lichaamsvloeistoffen van muizen. Dat valt wel degelijk onder de definitie van dierproeven. Dat blijkt ook wel uit de toelichting: de experimenten door ERIBA onderzoekers worden verricht in het Researchlaboratorium van de RUG, na toetsing van de protocollen door de onafhankelijke Dier Experimenten Commissie (DEC), conform de Wet op Dierproeven.

Het aantal proefdieren dat gebruikt zal gaan worden, zo blijkt uit de antwoorden, is op dit moment niet in te schatten omdat de ERIBA onderzoekers in het komende jaar gerekruteerd gaan worden en op dit moment niet bekend is welke onderzoeksmodellen deze personen zullen gaan gebruiken. En dan hebben we het nog niet eens over de spin-off waarover in het voorstel gesproken wordt. Maar voorzitter, dit is voor ons cruciaal om te weten. Hebben we het hier over enkele dieren, over duizenden of over tienduizenden? Daar kan toch wel enig inzicht in gegeven worden? Dat zou althans bij een aanvraag bij de Dierexperimenten Commissie vereist worden. Kan de gedeputeerde aangeven of er al een DEC-toetsing is aangevraagd voor ERIBA? Zo ja, wat zijn de aantallen die daarin genoemd worden? Zou het niet handiger zijn om de DEC-beoordeling bij de subsidieaanvraag te voegen? Graag een antwoord van het college hierop. Voorzitter, wij hadden ook gevraagd om een omschrijving van het type experimenten. De vraag of hierbij de dieren, inclusief de nematoden, ook genetisch gemodificeerd worden, is echter ook nog onbeantwoord. Graag hierover ook meer helderheid, temeer daar dit dier vaak in biotechnologisch onderzoek wordt gebruikt.

Voorzitter, als de provincie maatschappelijk verantwoord wil functioneren, dan zou zij hierbij ook het aspect dierproeven moeten betrekken. De provincie kiest hier echter niet voor. “We hebben in onze subsidievoorwaarden geen expliciet beleid opgenomen ten aanzien van dierproeven” aldus de provincie. Dat vinden wij onvoldoende en daarom dienen wij de volgende motie in:

Klik hier voor de motie

De provincie neemt klakkeloos aan dat de het onderzoek naar verouderingsprocessen (zoals type II diabetes, hart- en vaatziekten, ziekte van Alzheimer etc) niet kan zonder op onderdelen gebruik te maken van dierexperimenten. Dat is echter nog maar de vraag voorzitter. Onderzoek naar vervanging, vermindering en verfijning van dierproeven staat in Nederland nog in de kinderschoenen. Niet omdat de kennis ontbreekt, maar vooral omdat het geld hiervoor ontbreekt. Bovendien worden onderzoeksresultaten en methoden nauwelijks gedeeld tussen onderzoekers, waardoor veel soortgelijke dierproeven meermalen worden uitgevoerd. Alleen wanneer er een financiële impuls komt, dan zullen de in Nederland aanwezige kennis en capaciteiten ingezet worden om innovatieve en proefdiervrije wetenschap een impuls te geven. Daarmee wordt voorkomen dat Nederland in een achterhoedepositie terecht zal komen op dit steeds belangrijker wordende onderzoeksterrein. Daarom dienen wij de volgende motie in. Ik kom straks nog terug op het in de motie genoemde instituut NKCA.

Klik hier voor de motie.

De Partij voor de Dieren is vóór onderzoek dat meer inzicht kan geven in verouderingsziekten. Maar uit de ervaringen die tot nu toe zijn opgedaan met alternatieven (op gebied van vervanging, verfijning en vermindering) van dierproeven in de Life Sciences blijkt dat dit resulteert in beter toepasbare kennis voor de gezondheid van de mens.

De universiteit die daarin in de Life Sciences momenteel voorop loopt, is niet het UMCG, maar het UMC St. Radboud te Nijmegen. Daar is het 3R Research Centre gevestigd. Het centrum houdt zich bezig met het zoeken en toepassen van de "3 V’s": Vermindering, Verfijning en Vervanging. De Engelse termen hiervoor zijn de "3 R’s": Reduction, Refinement and Replacement, vandaar de naam.
Het 3R Research Centre ondersteunt onderzoekers met betrekking tot het zoeken, vinden en toepassen van de 3V’s in hun onderzoek. Informatie over de alternatieven zijn namelijk verspreid over meer dan 100 databases (Leenaars et al. ATLA 2009). Naast ondersteuning van onderzoekers heeft het 3R-RC ook een primaire onderzoeksfunctie op biomedisch wetenschappelijk gebied.


Voorzitter, het stimuleren van 3V alternatieven voor dierproeven is hoog op de agenda van het kabinet geplaatst. In de kabinetsvisie ‘Alternatieven voor Dierproeven’ wordt aangegeven dat er momenteel in de ontwikkeling van 3V alternatieven meer kansen liggen om tegemoet te komen aan veranderde maatschappelijke, wetenschappelijke en economische ontwikkelingen dan in ‘ouderwets’ proefdiergebruik. Het kabinet constateert verder dat het huidige overheidsbeleid ten aanzien van 3V alternatieven voor dierproeven tekortschiet. Op termijn moeten alle onderzoeks- en kennisinstellingen 3V’s in hun onderzoek toepassen en moet communicatie over bestaande alternatieven en actuele (internationale) ontwikkelingen op dit terrein verbeteren, aldus het kabinet. Het kabinet heeft daarom een Nationaal Kenniscentrum Alternatieven voor Dierproeven (NKCA) opgericht, voorheen het NCA. Het NKCA zal gaan fungeren als de nationale autoriteit op het gebied van alternatieven voor dierproeven en onder meer zorgen voor de kennistransfer vanuit 3V–kennisbronnen naar toepassers, zorgen voor communicatie tussen en met de onderzoekers en zorgen dat kennis van de 3Vs ook daadwerkelijk gebruikt wordt.

Voorzitter, de gedeputeerde heeft aangegeven dat hij met het UMCG wil bespreken dat men actief naar deskundigen op gebied van alternatieven kijkt. Voorzitter ik ben benieuwd of de gedeputeerde daar al iets meer over kan zeggen. Het zou voor het beoordelen van deze subsidieaanvraag wel als mosterd na de maaltijd komen. Omdat dit echter niet het enige onderzoek is dat proefdieren gebruikt en door de provincie gesubsidieerd wordt wil ik de volgende motie indienen.

Klik hier voor de motie.

Voorzitter, hier wou ik het bij laten, dank u wel.

Tweede termijn:
Wij hebben geen enkele twijfel over het maatschappelijk belang van onderzoek naar verouderingsziekten. Het gaat ons vooral om de wijze waarop dit gedaan wordt. De Christenunie gaf aan dat stilstand achteruitgang is. In onze ogen is het gebruik van dierproeven te beschouwen als stilstand. Het Lifelines onderzoek ondersteunen wij volledig.
Dat geldt niet voor het project Eriba. Dit project levert een groot risico op voor dieren, op financieel gebied en zelfs ten aanzien van de kwaliteit van onderzoek. Wij maken ons net als D'66 zorgen over de patenten. Dan spelen commerciële belangen een grote rol en door patenten op medicijnen duurt het langer voordat deze voor een groot publiek beschikbaar zijn. Het verlenen van deze subsidies zonder daar voorwaarden aan te verbinden op maatschappelijk terrein krijgt onze goedkeuring niet.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer