Keuze­do­cument omge­vings­visie


3 september 2014

Voorzitter,

Wij missen in deze visie heldere doelstellingen om de slechte staat van natuur, bodem, water en lucht aan te pakken. Zoals het een omgevingsvisie betaamt is er natuurlijk sprake van een blik op de toekomst. Maar lange termijn denken betekent besluiten nemen die leiden tot het beëindigen van overproductie en overconsumptie, die ertoe leiden dat economie en ecologie hier en wereldwijd weer meer in balans zijn.

Het document riekt vooral naar groei in plaats van naar genoeg. Er wordt gelukkig onder het thema ‘Aantrekkelijk vestigingsklimaat’ erkend dat groei niet per definitie leidend is, en dat het gedifferentieerder ligt. Waarom geldt dit principe niet voor de veehouderij en de landbouw? Ook daar moet kwaliteit boven kwantiteit gaan. Het is schokkend dat er beweerd wordt dat alleen innovatie en groei zorgen voor een bedrijf dat gecontinueerd kan worden. Dit is een valse aanname. Juist bedrijven die kiezen voor kwaliteit, regionaal en een traceerbare keten hebben de toekomst! Geen woord hierover terug te vinden in document. De Partij voor de Dieren vindt dat biologische, kleinschalige en verbrede landbouw ook gestimuleerd moet worden, en bij de doelen thuishoort. Evenals dierenwelzijn!

Ergens word tussen neus en lippen genoemd dat ‘de plattelandswegen een aandachtspunt zijn’. Waar is echter de oplossing? Leg dat maar eens uit aan de ouders wier kind door een enorme trekker is overreden. Er wordt ingezet op steeds grotere bedrijven met als gevolg meer en zwaarder verkeer. Graag horen wij van de gedeputeerde hoe hij dit ‘aandachtspunt’ gaat tackelen.

Het zou mooi zijn als de economische benadering van vestigingsklimaat uitgebreid kon worden met een ecologische: het vestigingsklimaat voor dieren is nog weinig gunstig.

Wij zijn geschrokken van de tendens om een verdere tweedeling te maken, tussen gebieden waar grootschalige industrie en vee-industrie mogelijk zijn, en natuur. Als natuur en leefbaarheid in de voor groei aangewezen gebieden ondergeschikt wordt gemaakt, blijft daar een leeg en schraal gebied over. Ga maar eens in Brabant kijken in de concentratiegebieden veehouderij. Daar wil geen mens meer wonen. Dit is toch niet wat ons in Groningen voor ogen staat? Ook het voorstel om bij uitbreidingen natuur alleen te compenseren bij robuuste natuurgebieden is geen goed idee. Er bestaat het gevaar dat een dergelijke compensatieregeling het nog makkelijker maakt om schaalvergroting toe te staan, als er minder waarde wordt toegekend aan de natuur vlakbij het te vergroten bedrijf. Voor omwonenden wordt het er ook niet leuker op als ook het schaamgroen verdwijnt.. Nog een reden om kleinschaligheid en verbreding te stimueren, want bij kleinschalige bedrijven is ruimte voor natuur, en gaat bedrijfsvoering gelijk op met de omgeving. Natuur is een netwerk dat zich over de hele provincie zou moeten uitbreiden. Met afgebakende natuur’reservaten’ doen we dieren en planten geen plezier, juist de verbindingen en stepping stones zijn essentieel. Niet voor niets is de naam Natuurnetwerk gekozen. Hierbij aanhakend: Er wordt in het document gewezen op het belang van de groen-blauwe dooradering. Echter met de vaststelling van de nieuwe EHS werden de meeste EVZ’s geschrapt. Dit terwijl deze ‘aders’ juist een belangrijke ecologische functie hebben. Dit is ons inziens een tegenstelling die om toelichting vraagt.Bestaande regels moeten juist worden aangescherpt en er moet worden gestreefd naar het verminderen van grote varkens- en kippenbedrijven. Deze dienen vervangen te worden door biologische bedrijven die produceren voor de steeds groter wordende groep consumenten die eerlijke eieren, zuivel en vlees wensen. Geen GVM voor varkens en kippen uiteraard, want een uitbreiding van de veestapel is onduurzaam en hiermee zou het college de door haar in deze visie geformuleerde doelen op het gebied van landschap, natuur, flora en fauna niet kunnen waarborgen. Immers, geen economische sector met zoveel negatieve impact op debiodiversiteit, natuur en waterkwaliteit.

Wij zijn blij dat er gesproken wordt over bufferzone’s voor landbouwgif. In de omgevingsverordening moet ter zijner tijd wat ons betreft worden vastgelegd dat er spuitvrije zone’s komen rondom bewoning, scholen en andere publieke voorzieningen, dierenweides en dierenverblijven en natuurgebieden. Daarom moet al in de omgevingsvisie spuitvrije zone's als expliciet doel worden genoemd.

Er zit nog veel te weinig beweging in het provinciale duurzame denken en duurzaam doen. We moeten niet meer produceren voor alleen economische groei, maar voor echte behoeftes. Daar hoort voedsel natuurblijk bij, maar in onze ogen geen grote hoeveelheden voor de buitenlandse markt. En landbouw die grote hoeveelheden gif nodig heeft om te kunnen continueren is niet duurzaam en past natuurlijk niet in een provincie die de water, lucht en bodemkwaliteit op peil wil houden. Bi-Ora wees ons daar ook op, door bijvoorbeeld de agro-economie te noemen. Er wordt nog steeds in hokjes gedacht, het hokje landbouw, het hokje natuur, het hokje leefbaarheid etcetera terwijl deze onlosmakelijk verbonden zijn. De huidige trendrichting schaalvergroting in de landbouw leidt tot een ernstige verpaupering van het platteland. Er stoppen nu al naar schatting zes agrarische bedrijven per dag, die geen perspectief meer zien. Wij begrijpen niet zo goed hoe de landbouwsector voor de regionale economie steeds meer waarde zou kunnen hebben. De werkgelegenheid binnen deze sector daalt steeds verder. En deze gigabedrijven maken het platteland niet aantrekkelijk en leefbaar, het is niet in het belang van de toerisme- en recreatiesector en zorgt er ook voor dat steeds meer mensen het stinkende platteland verruilen voor de stad.

In de nieuwe lijst met provinciale belangen is ruimte voor natuur en ruimte voor recreatie komen te vervallen als expliciet genoemd belang. Evenals de transitie naar duurzame energie. Graag een reactie hierop.

Wij zijn blij met het voorstel om een gebiedsvisie voor de Waddenzee op te stellen. Dit is hard nodig. U heeft ook meegekregen dat er groot alarm is geslagen door Nederlandse, Duitse en Deense natuurorganisaties over de visstand in de Waddenzee. Er wordt veel aandacht besteed aan wat er allemaal op en rond het Wad wel of niet mag staan en plaatsvinden, maar wat er zich onder water bevindt wordt nogal eens vergeten. De Partij voor de Dieren is van mening dat er in de nieuwe Omgevingsvisie ook regels opgesteld moeten worden over de toekomst van de visserij. Ook zijn wij voorstander van een gebiedsvisie voor de grensstreek. Graag een reactie hierop van de Gedeputeerde.

Qua energievisie vinden wij de doelen niet ver genoeg reiken. ‘Omschakeling naar een veilige gaswinning’ zou moeten zijn streven naar zo spoedig mogelijk stoppen met gaswinning. Wij zijn verheugd dat er meer aandacht komt voor collectieven en coöperaties, en kleinschalige gedecentraliseerde energieopwekking. Het handboek zonnecollectieven dat de provincie heeft ontwikkeld is in dit licht ook een mooi initiatief. Ook de aandacht voor het betrekken van omwonenden van bijvoorbeeld windparken en hen de mogelijkheid bieden om bijvoorbeeld goedkope energie af te nemen zien wij als een vooruitgang. Wij willen graag dat in omgevingsverordening wordt vastgelegd dat er geen schaliegaswinning en geen CCS mogelijk is in Groningen en geen nieuwe kolencentrales worden gebouwd.

Wij sluiten ons aan bij de vragen die gesteld zijn over het schrappen van de beleidsdoelen energiebesparing, duurzame mobiliteit en duurzaam inkopen. Wij zijn blij met het voorstel om zoekgebieden voor bedrijventerreinen te schrappen.

Het decentraliseren van gemeenteoverschrijdende zaken baart ons grote zorgen. Er is zelfs sprake van ‘om op onderdelen te kunnen experimenteren of differentieren’ (p. 2). Maar landbouw en veehouderij, als ook natuurbeleid lenen zich hier niet voor! Er zijn grenzen aan het loslaten. Gemeenten krijgen straks veel te veel op hun bord. Nu al groeien er hen zaken boven het hoofd, zoals bijvoorbeeld de uitbreidingen van de melkveehouderij in Wedderveer en de varkenshouderij in Zevenhuizen. De provincie moet substantieel deel in eigen hand houden om te voorkomen dat zaken mis lopen en onomkeerbare schade aanrichten. Verder zien wij het risico dat gemeenten niet altijd zullen melden als taken onvoldoende opgepakt kunnen worden. Dan is het aan burgers om een waakhondfunctie te vervullen en dat is geen goede ontwikkeling. Hoe denkt het College dit te voorkomen?

Onder het thema ‘Tegengaan milieuhinder’ worden vele zorgen geuit over de huidige situatie in de provincie. Dat is een begin, maar als vervolgens dit niet tot uitdrukking komt in beleid is er niemand mee geholpen. Een snelweg door Stad, grote veebedrijven, meer chemische industrie? Dat strookt niet met de bezorgde woorden in de tekst van de visie.

Tot zover, voorzitter

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer