Bijdrage najaars­mo­nitor en begroting 2022 en opvang dieren uit het wild


3 november 2021

Voorzitter, allereerst over de Najaarsmonitor: Uit de Monitor Groningen blijkt dat veel aangenomen moties op groen staan, er wordt in enkele zinnen toegelicht waarom. Met deze summiere informatie is het echter onduidelijk hoe, waar en wanneer de motie is uitgevoerd, en of de opdracht wel is uitgevoerd op de manier waarop de Staten het bedoeld hebben. Er wordt geen verantwoording afgelegd over failure of succes, over voortgang of over plannen voor opname in regulier beleid. Op deze manier kunnen de Staten nauwelijks toezien op correcte uitvoering en dus niet goed hun controlerende rol vervullen.

Ik zal u een voorbeeld geven: in 2020 stemde de Staten voor het aanleggen van één of meerdere prachtlinten door de provincie, van bloeiende bermen. De motie riep op om te onderzoeken waar kansen liggen voor de ontwikkeling van één of meerdere prachtlinten; EN een commitment aan te gaan om in samenwerking met de betreffende partners de gekozen linten aan te leggen. Provincie, gemeenten en andere terreineigenaren zouden hier samen aan gaan werken. Inmiddels staat de motie in het groen, met de toelichting: ‘Samen met onze stakeholders onderzoeken wij op welke wijze we de biodiversiteit in de provincie Groningen kunnen versterken in de blauw-groene dooradering.’ Kunt u hieruit opmaken dat er inmiddels een prachtlint ligt? Nee, wij ook niet. Als er nog niets is aangelegd, waarom staat de motie dan op groen? Het lijkt alsof de motie simpelweg bij al het bestaande beleid is geschoven, zonder dat er enig recht is gedaan aan het gevraagde.

De Partij voor de Dieren wil voorstellen dat er een periodiek overzicht/terugrapportage naar de Staten komt, bijvoorbeeld halfjaarlijks. Daarin kan worden beschreven hoe de aangenomen moties tot uitvoering zijn gebracht, en eventueel verwezen worden naar evaluaties/rapportages. Er kunnen dan ook gerichte vragen gesteld worden. Om terug te komen op het prachtlint: dan zou in zo’n periodiek overzicht moeten worden aangegeven waar dit/deze linten liggen en wie de betrokken partijen zijn met wie de provincie de linten aanlegt. En ook of het in aanleg is, of al is uitgevoerd en of er plannen zijn voor een goed beheer en continuering. Zijn GS bereid hierop een toezegging te doen?

Voorzitter, dan wat betreft de begroting:

De Partij voor de Dieren zou graag zien dat er een permanente oplossing komt voor de opvang van dieren uit het wild. U heeft misschien ook meegekregen dat de opvang in Blijham, die voortvarend van start ging, de deuren moet sluiten omdat ze de dagelijkse kosten niet kunnen dragen. Let wel, het gaat hier om twee deskundige mensen die een professionele opvang runnen naast hun full-time banen, maar deze grotendeels uit eigen zak betalen. De hoofdopvang in Westernieland, Faunavisie Wildcare, zal in 2023 stoppen, omdat de eigenaar met pensioen gaat. Er staan opvolgers klaar, maar dan moeten de vaste kosten wel gedekt worden. Dit gaat om zo’n 45.000 euro per jaar, met daarnaast salaris voor 1,5 Fte verzorgers.

In de Wet Dieren staat dat een ieder die een hulpbehoevend dier vindt, deze de benodigde zorg verleent. Dat wordt binnenkort erg moeilijk in Groningen. Als iemand een ree vindt die vastzit in een hek, of een vergiftigde roofvogel, of een kaalgemaaide egel, moeten mensen dan met die dieren naar Friesland of Drenthe rijden? Of de dieren maar gewoon laten creperen? Of gaan aanknoeien in hun eigen achtertuin? Wij nemen aan dat het College en alle partijen ook inzien dat er een plek beschikbaar moet zijn voor deze dieren, als het dan niet is vanuit ’ecologische waarde’, dan toch tenminste omdat het een maatschappelijke voorziening betreft. Bovendien zijn er in onze provincie mensen die heel veel kennis van en ervaring hebben met het genezen en weer uitzetten van, deels zeldzame dieren, en dat moeten we niet verloren laten gaan. De opvang in Blijham doet tevens aan educatie, er lopen dierenartsen in opleiding hun stage. Ook wordt er publieksvoorlichting over inheemse dieren gegeven.

Andere provincies zijn vooruitstrevender. Zo wordt in Noord-Brabant en Limburg al structureel steun verleend aan opvangcentra. Noord-Holland heeft geld toegezegd, in Gelderland en Friesland koppelen ze de opvang aan een bezoekerscentrum over inheemse dieren, hetgeen ook weer inkomsten genereert. De Partij voor de Dieren vindt dat Groningen niet moet afwachten maar nú in actie moet komen. Wij zullen in de Statenvergadering een motie indienen om eerst te onderzoeken welke vorm van dierenopvang geschikt en nodig is in Groningen, en of dit bijvoorbeeld gecombineerd kan worden met educatie en een bezoekersfunctie. En dan hopen wij dat bij de voorjaarsnota budget vrijgemaakt kan worden om een en ander tot uitvoer te brengen.

Graag een reactie van de gedeputeerde.

Als laatste hebben wij een vraag over de realisering van de doelstelling van het Natuurnetwerk Nederland. Steevast krijgen we elk jaar te horen dat de processen veel tijd kosten, de grond moeilijk te verwerven is, inrichting nogal eens vertraging oploopt, en elk jaar groeit de opgave voor de nog resterende tijd tot 2027. Nu wordt erkend dat er misschien toch aanvullende maatregelen nodig zijn, maar er wordt eerst nog een paar jaar afgewacht voordat daartoe wordt besloten. Dat lijkt ons spelen met vuur. Op welke extra maatregelen wordt hier gedoeld, en wil het College niet nú al voorsorteren op die maatregelen, gezien de stroperigheid van het proces? Als het dan meevalt hebben we misschien zelfs iets meer natuur dan de Europese opgave, tel uit je zegeningen.